Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Alkmaar), 9 oktober 2017
ECLI:NL:RBNHO:2017:8263
Stichting Centrum voor Kunsteducatie/werkneemster
Feiten
Werkgever is een stichting die zich in West-Friesland inzet voor kunst, cultuur en creativiteit. Werkneemster treedt op 1 augustus 2000 in dienst bij werkgever in de functie van administratief medewerker. Werkgever verzoekt de arbeidsovereenkomst met werkneemster te ontbinden op grond van disfunctioneren. Ter onderbouwing daarvan heeft werkgever het volgende naar voren gebracht. Mede gelet op het functioneren van werkneemster is de functie-inhoud en de arbeidsomvang gewijzigd. Eerder al is besloten dat werkneemster niet meer de cursusadministratie en de financiële administratie zou uitvoeren, omdat werkgever door slordigheden van werkneemster veel klachten van cursisten ontving, wat door andere medewerkers van werkgever moest worden rechtgezet. Ook na wijziging van de functie-inhoud per 1 januari 2016 moet aan het functioneren van werkneemster worden gewerkt, ondanks dat er door de wijziging tijd over zou moeten zijn. De aan werkneemster toegewezen taken worden niet, onjuist of onvolledig uitgevoerd, wat tot klachten leidt en door een andere medewerker moet worden gecontroleerd en hersteld. Tijdens het verbetertraject van drie maanden was werkneemster volledig arbeidsgeschikt. Aan werkneemster is meegedeeld wat de verbeterpunten waren en wat de gevolgen van een niet succesvol afronden van het traject zijn. Werkneemster kan ondanks de aangepaste functie niet aan de functie-eisen voldoen.
Oordeel
De functie van werkneemster is per 1 januari 2016 aanmerkelijk vereenvoudigd. Daarom is de kantonrechter van oordeel dat het aangeboden verbetertraject van drie maanden voldoende was om werkneemster, die volledig arbeidsgeschikt was geacht door de bedrijfsarts, in de gelegenheid te stellen haar functioneren te verbeteren. Tijdens het verbetertraject werd werkneemster begeleid door haar leidinggevende, werden voortgangsgesprekken gevoerd en was er ruimte om vragen te stellen, zodat op dat punt niet is gebleken van onzorgvuldigheid aan de zijde van werkgever. Verder heeft werkgever tijdens het verbetertraject een cursus klantvriendelijk telefoneren aangeboden om werkneemster de mogelijkheid te bieden haar functioneren op dat punt te verbeteren. Werkneemster heeft deze cursus ook gevolgd. Niet is gesteld en gebleken dat werkneemster om aanvullende scholing heeft gevraagd. Wellicht was het aanbieden van een computercursus nuttig geweest, maar dat neemt niet weg dat ook op andere vlakken zoals communicatie en nauwkeurig werken verbetering noodzakelijk was waarvoor een computercursus niet de oplossing was. Werkneemster heeft verder niet concreet gemaakt waarin de onzorgvuldigheid van werkgever in het verbetertraject is gelegen. De conclusie is dat werkgever werkneemster tijdig in kennis heeft gesteld van de ongeschiktheid tot het verrichten van de bedongen arbeid, dat werkneemster in voldoende mate in de gelegenheid is gesteld haar functioneren te verbeteren en dat het disfunctioneren niet het gevolg is van onvoldoende zorg van werkgever voor de scholing van werkneemster of haar arbeidsomstandigheden. De kantonrechter is verder van oordeel dat herplaatsing van werkneemster binnen een redelijke termijn niet in de rede ligt. Hierbij is het volgende van belang. Werkgever heeft onweersproken gesteld dat er binnen de stichting geen vacatures zijn. Daarbij komt dat de functie van werkneemster in 2016 aanmerkelijk is vereenvoudigd. Een groot aantal werkzaamheden is uit de functie gehaald. Indien er sprake was van een vacature binnen werkgever, staat derhalve het opleidingsniveau en werkniveau van werkneemster aan herplaatsing binnen een redelijke termijn in de weg. Gelet op het voorgaande zal het verzoek van werkgever worden toegewezen en zal de arbeidsovereenkomst op grond van disfunctioneren worden ontbonden.