Rechtspraak
Hof van Justitie van de Europese Unie, 25 oktober 2017
ECLI:EU:C:2017:804
Polbud – Wykonawstwo sp. z o.o., in liquidatie
Feiten
Polbud is een vennootschap met beperkte aansprakelijkheid die in Lack (Polen) is gevestigd. Bij besluit van 30 september 2011 heeft de buitengewone algemene vergadering van de aandeelhouders krachtens artikel 270 punt 2 van het Wetboek op de handelsvennootschappen beslist de zetel van die vennootschap naar Luxemburg te verplaatsen. Op 28 mei 2013 heeft de aandeelhoudersvergadering van Consoil Geotechnik Sàrl, waarvan de zetel in Luxemburg is gevestigd, een besluit vastgesteld tot uitvoering van met name het besluit van 30 september 2011 en tot verplaatsing van de zetel van Polbud naar Luxemburg met het oog op de onderwerping van die vennootschap aan het Luxemburgse recht zonder verlies van haar rechtspersoonlijkheid. Overeenkomstig het besluit van 28 mei 2013 trad de verplaatsing op die datum in werking. Aldus is de zetel van Polbud op 28 mei 2013 naar Luxemburg verplaatst en heette die vennootschap niet langer Polbud, maar werd haar naam gewijzigd in Consoil Geotechnik. Polbud diende op 24 juni 2013 bij de registerrechter een verzoek om schrapping uit het Poolse handelsregister in. Dit verzoek was gebaseerd op de verplaatsing van de zetel van de vennootschap naar Luxemburg. Bij beslissing van 21 augustus 2013 is deze vennootschap voor de schrappingsprocedure verzocht om overlegging van in de eerste plaats het besluit van de aandeelhoudersvergadering met vermelding van de naam van de bewaarder van de boeken en bescheiden van de ontbonden vennootschap, in de tweede plaats de financiële rekeningen voor de tijdvakken van 1 januari tot en met 29 september 2011, van 30 september tot en met 31 december 2011, van 1 januari tot en met 31 december 2012 en van 1 januari tot en met 28 mei 2013, ondertekend door de vereffenaar en door de voor de boekhouding verantwoordelijke persoon, en in de derde plaats het besluit van de aandeelhoudersvergadering tot goedkeuring van het verslag over de liquidatieverrichtingen. Polbud heeft meegedeeld dat zij het niet nodig achtte die documenten over te leggen, aangezien zij niet werd ontbonden, haar vermogen niet onder de aandeelhouders was verdeeld en het verzoek om schrapping uit het register was ingediend wegens de verplaatsing van de zetel van de vennootschap naar Luxemburg, waar zij haar bestaan als Luxemburgse vennootschap voortzette. Bijgevolg heeft de registerrechter bij beslissing van 19 september 2013 het verzoek om schrapping afgewezen wegens niet‑overlegging van die documenten. De verwijzende rechter stel het Hof van Justitie EU prejudiciële vragen of in dit geval sprake is van schending van artikel 49 en 54 VWEU.
Oordeel
Het Hof van Justitie EU oordeelt als volgt.
Voorwaarde liquidatie vennootschap als voorwaarde voor zetelwissel is in strijd met vrij verkeer van vestiging, tenzij ter bescherming van schuldeisers, aandeelhouders en werknemers
Met zijn eerste en zijn tweede vraag, die samen dienen te worden onderzocht, wenst de verwijzende rechter in wezen te vernemen of de artikelen 49 en 54 VWEU aldus moeten worden uitgelegd dat zij in de weg staan aan een regeling van een lidstaat die de verplaatsing van de statutaire zetel van een naar het recht van een lidstaat opgerichte vennootschap naar het grondgebied van een andere lidstaat met het oog op de omzetting in een vennootschap naar het recht van die andere lidstaat, overeenkomstig de voorwaarden die de wetgeving van deze laatste lidstaat oplegt, afhankelijk stelt van de liquidatie van de eerste vennootschap. Krachtens artikel 270 punt 2 van het Wetboek op de handelsvennootschappen en artikel 272 van dat wetboek brengt het krachtens artikel 562 lid 1 van dat wetboek vastgestelde aandeelhoudersbesluit betreffende de verplaatsing van de zetel naar een andere lidstaat dan de Republiek Polen echter de ontbinding van de vennootschap na het einde van de liquidatieprocedure mee. Bovendien volgt uit artikel 288 lid 1 van dat wetboek dat een vennootschap die haar zetel naar een andere lidstaat dan de Republiek Polen wenst te verplaatsen, zonder liquidatie niet uit het handelsregister kan worden geschrapt. Aldus kan een vennootschap naar Pools recht, zoals Polbud, weliswaar in beginsel haar statutaire zetel naar een andere lidstaat dan de Republiek Polen verplaatsen zonder haar rechtspersoonlijkheid te verliezen, maar indien zij een dergelijke verplaatsing wenst te doen, kan zij haar schrapping uit het Poolse handelsregister slechts verkrijgen indien zij is geliquideerd. Dit is in beginsel in strijd met vrij verkeer van vestiging. In dat verband zij eraan herinnerd dat de bescherming van de belangen van de schuldeisers en de minderheidsaandeelhouders deel uitmaakt van de dwingende redenen van algemeen belang die door het Hof worden erkend (zie in die zin arrest van 13 december 2005, SEVIC Systems, C-411/03, ECLI:EU:C:2005:762, punt 28 en aldaar aangehaalde rechtspraak). Hetzelfde geldt voor de bescherming van de werknemers (zie in die zin arrest van 21 december 2016, AGET Iraklis, C-201/15, ECLI:EU:C:2016:972, punt 73 en aldaar aangehaalde rechtspraak). De artikelen 49 en 54 VWEU verzetten zich in beginsel niet tegen maatregelen van een lidstaat die ertoe strekken dat de belangen van de schuldeisers, de minderheidsaandeelhouders en de werknemers van een vennootschap die naar zijn recht is opgericht en die haar activiteiten op het nationale grondgebied blijft uitoefenen, niet onterecht worden geraakt door de verplaatsing van de statutaire zetel van die vennootschap en de omzetting ervan in een vennootschap naar het recht van een andere lidstaat.
Noodzakelijkheid
Opgemerkt moet worden dat die regeling op algemene wijze in een verplichting tot liquidatie voorziet, zonder dat rekening wordt gehouden met het werkelijke risico op schending van de belangen van de schuldeisers, de minderheidsaandeelhouders en de werknemers, en zonder dat kan worden gekozen voor minder beperkende maatregelen die deze belangen kunnen beschermen. Zoals de Europese Commissie heeft opgemerkt, kan het stellen van bankwaarborgen of andere gelijkwaardige waarborgen de belangen van de schuldeisers op passende wijze beschermen. Daaruit volgt dat de verplichting tot liquidatie die is opgelegd bij de in het hoofdgeding aan de orde zijnde nationale regeling verder gaat dan nodig is om de doelstelling van bescherming van de in punt 56 van het onderhavige arrest vermelde belangen te verwezenlijken.