Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Haarlem), 25 mei 2018
ECLI:NL:RBNHO:2018:4352
werknemer/Ebro Diensten B.V.
Feiten
Werknemer is op 9 januari 2017 in dienst getreden bij Ebro Diensten. Ebro Diensten houdt zich bezig met het detacheren van personeel in de rund- en varkensvleessector. Werknemer was laatstelijk door Ebro Diensten gedetacheerd bij Detailresult Groep B.V. (Deka Markt). Op 9 februari 2018 is werknemer door Ebro Diensten op staande voet ontslagen nadat hij betrokken is geweest bij een vechtpartij met een collega. Met ingang van 19 maart 2018 is werknemer werkzaam bij een andere werkgever. Werknemer verzoekt onder meer een vergoeding wegens onregelmatige opzegging en een billijke vergoeding. Erbo Diensten verzoekt onder meer een gefixeerde schadevergoeding.
Oordeel
De kantonrechter acht op grond van de overgelegde stukken en het verhandelde ter zitting, meer in het bijzonder de camerabeelden, onvoldoende aannemelijk geworden dat werknemer zich in een noodweersituatie bevond. Deze beoordeling acht de kantonrechter evenwel niet van doorslaggevend belang omdat in de gegeven omstandigheden niet van belang is wie de situatie heeft laten escaleren en wat de reden van de verrichte handelingen is geweest. Vast staat dat werknemer betrokken is geweest bij een vechtpartij op de werkvloer, terwijl van een werknemer verwacht mag worden dat hij zich er bewust van is dat dit onacceptabel gedrag is. Dit geldt temeer nu in het onderhavige geval naar het oordeel van de kantonrechter voldoende aannemelijk is geworden dat sprake is van een werkplek waar potentieel gevaarlijke omstandigheden bestaan, met de kans op substantiƫle verwondingen. Het staat immers als onweersproken vast dat op deze werkplaats regelmatig sprake is van een gladde vloer en er met scherpe messen wordt gewerkt. Vechtpartijen op de werkvloer behoeven naar het oordeel van de kantonrechter, gelet op de veiligheid van het personeel, niet door de werkgever te worden getolereerd. De kantonrechter is dan ook met Ebro Diensten van oordeel dat het handelen van werknemer onacceptabel is en een dringende reden in de zin van de wet oplevert. Gelet op het voorgaande is het op 9 februari 2018 gegeven ontslag rechtsgeldig. De verzoeken van werknemer worden afgewezen. Het verzoek van Erbo Diensten is te laat ingediend. Het verzoek zal daarom niet-ontvankelijk worden verklaard.