Rechtspraak
Rechtbank Oost-Brabant (Locatie Eindhoven), 30 mei 2018
ECLI:NL:RBOBR:2018:2727
werknemer/Stichting ROC Summa College
Feiten
Werknemer is in augustus 1986 bij Summa College in dienst getreden in de functie van ‘docent LB’ met als standplaats Eindhoven. Op 29 januari 2018 heeft Summa College werknemer te kennen gegeven dat hij met ingang van 19 februari 2018 geen deel meer zou uitmaken van het team Horeca en dat hij na de carnavalsvakantie zou worden overgeplaatst naar een ander team binnen Summa College. Bij brief van 13 februari 2018 heeft werknemer bezwaar gemaakt tegen de overplaatsing naar een ander team. werknemer vordert, onder meer, bij wege van voorlopige voorziening Summa College te veroordelen om hem binnen 2 dagen na betekening van dit vonnis weer te werk te stellen in zijn functie van docent LB in het team Horeca bij Summa College te Eindhoven onder de huidige arbeidsvoorwaarden, op straffe van verbeurte van een dwangsom.
Oordeel
Het spoedeisend belang volgt uit de aard van de zaak. In de arbeidsovereenkomst is niet opgenomen dat werknemer op een bepaalde schoollocatie binnen Eindhoven en in een bepaald team van Summa College te werk zou worden gesteld. werknemer kan dan ook aan zijn arbeidsovereenkomst geen rechtstreeks recht afleiden om werkzaam te zijn en te blijven als docent Horeca in het team Horeca van Summa College. Overplaatsing is een instrument van personeelsbeleid dat indien nodig kan worden ingezet. Voor toepassing is de instemming van werknemer niet nodig omdat in de onderhavige situatie de overplaatsing geen wijziging in functie, salaris of arbeidsplaats tot gevolg heeft en ook overigens niet is aan te merken als een wijziging van de arbeidsovereenkomst. Wel brengen de eisen van goed werkgeverschap met zich dat Summa College bij het besluit tot overplaatsing van werknemer voldoende zorgvuldigheid moet betrachten. Naar het oordeel van de kantonrechter is door Summa College voldoende onderbouwd dat het team Horeca al langere tijd niet goed functioneerde en dat het niet goed ging met de kwaliteit van het onderwijs van de opleiding Horeca. Om het voortbestaan van de opleiding Horeca mogelijk te maken was het noodzakelijk om de negatieve teamdynamiek te doorbreken door middel van een wijziging in de samenstelling van het team Horeca. Gelet op de klachten van de studenten en de rol van werknemer in het team Horeca is de kantonrechter van oordeel dat Summa College op goede gronden heeft kunnen kiezen voor overplaatsing van werknemer. Het is niet aan werknemer als werknemer te oordelen over de noodzaak of wenselijkheid van organisatorische, personele of werkinhoudelijke maatregelen die Summa College in het kader van de bedrijfsvoering meent te moeten nemen. Het zwaarwichtig belang van Summa College is gelegen in het feit dat zij richting de toekomst het bestaansrecht van de opleiding Horeca wenst te behouden. Het voortbestaan van de opleiding (en in samenhang daarmee het team) Horeca weegt zwaarder dan de wens van werknemer om in het team Horeca werkzaam te blijven. Uit het voorgaande volgt dat het belang van Summa College bij plaatsing van werknemer buiten het team Horeca dermate zwaarwegend is dat de belangen van werknemer daarvoor naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid moeten wijken. Van onrechtmatig handelen dan wel strijd met goed werkgeverschap is geen sprake. De vorderingen van werknemer worden daarom afgewezen.