Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (Locatie Leeuwarden), 18 september 2018
ECLI:NL:GHARL:2018:8312
Hollands Glorie/werkneemster
Feiten
Werkneemster is op 1 september 1996 in dienst getreden bij Hollands Glorie en was laatstelijk werkzaam als administratief medewerkster tegen een salaris van € 3.569 bruto per maand. Op 10 januari 2014 heeft Hollands Glorie het UWV verzocht om werkneemster te mogen ontslaan vanwege bedrijfseconomische redenen. Op 21 februari 2014 heeft het UWV toestemming gegeven. De arbeidsovereenkomst met werkneemster wordt opgezegd tegen 1 juni 2014. Met ingang van 20 januari 2014 is werkneemster op grond van een verstoorde arbeidsrelatie op non-actief gesteld. Werkneemster heeft in eerste aanleg onder meer gevorderd dat voor recht wordt verklaard dat de opzegging kennelijk onredelijk is en dat Hollands Glorie wordt veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding ad € 281.259 bruto. De kantonrechter heeft voor recht verklaard dat de opzegging kennelijk onredelijk is en een schadevergoeding ad € 29.000 bruto toegekend. De kantonrechter heeft geoordeeld dat Hollands Glorie het UWV een onjuist beeld heeft gegeven over de financiële situatie van het bedrijf. Tussen het geprognotiseerde verlies en het uiteindelijke resultaat van Hollands Glorie over 2013 zat een verschil en daarnaast was de financiële situatie niet zo slecht als Hollands Glorie heeft voorgespiegeld. Dat maakt dat de arbeidsovereenkomst op basis van een valse reden is opgezegd. Zowel Hollands Glorie als werkneemster gaat in hoger beroep.
Oordeel
Het hof oordeelt dat het gegeven dat tussen het geprognotiseerde verlies en het uiteindelijke resultaat van Hollands Glorie over 2013 een verschil zit, niet aantoont dat Hollands Glorie opzettelijk onjuiste cijfers heeft gepresenteerd en/of opzettelijk een andere dan de werkelijke reden voor ontslag heeft opgegeven aan het UWV. De door de kantonrechter benoemde redenen kunnen de conclusie dat het ontslag kennelijk onredelijk is, niet dragen. Dat neemt niet weg dat aanvullende feiten en/of omstandigheden kunnen maken dat het gevergde bewijs wél is geleverd. Werkneemster wordt toegelaten tot het leveren van aanvullend bewijs. Iedere verdere beslissing, tevens in het incidenteel hoger beroep, wordt aangehouden tot na de bewijslevering.