Naar boven ↑

Rechtspraak

werkneemster/Lacta Fides Health Care B.V.
Gerechtshof Den Haag (Locatie 's-Gravenhage), 20 november 2018
ECLI:NL:GHDHA:2018:3090

werkneemster/Lacta Fides Health Care B.V.

Werkneemster heeft geen recht op loondoorbetaling bij ziekte. Gerede twijfels over haar arbeidsongeschiktheid, ondanks oordeel bedrijfsarts dat benutbare mogelijkheden ontbreken. Hof kan loonvordering niet ambtshalve afwijzen vanwege het ontbreken van een deskundigenoordeel.

Feiten

Werkneemster is op 1 juni 2017 voor de duur van zes maanden in dienst getreden van Lacta Fides Health Care B.V. (hierna: Lacta Fides) in de functie van zorgcoƶrdinator. Op 31 augustus 2017 heeft werkneemster zich ziek gemeld. Tot het einde van de arbeidsovereenkomst heeft zij geen werkzaamheden meer voor Lacta Fides verricht. Per 1 september 2017 heeft Lacta Fides de loonbetaling van werkneemster opgeschort, omdat volgens Lacta Fides niet kon worden beoordeeld of werkneemster recht had op loondoorbetaling bij ziekte. De bedrijfsarts heeft in zijn probleemanalyse geoordeeld dat werkneemster geen benutbare mogelijkheden heeft tot re-integratie. De arbeidsovereenkomst is van rechtswege geƫindigd. In eerste aanleg heeft werkneemster verzocht Lacta Fides te veroordelen tot betaling van achterstallig loon (op basis van een 36-urige werkweek) en de aanzegvergoeding. De kantonrechter heeft de verzoeken van werkneemster afgewezen. Werkneemster is van de beschikking in hoger beroep gekomen.

Oordeel

De arbeidsomvang

Naar het oordeel van het hof heeft werkneemster voldoende feiten gesteld (en die in voldoende mate van onderbouwing voorzien) waaruit blijkt dat sprake is van een arbeidsomvang van 36 uur per week en niet van een nulurencontract, zoals Lacta Fides stelt. Het hof acht van belang dat werkneemster met de boekhouder van Lacta Fides heeft besproken dat zij een '36 uur contract' heeft, waarop noch door de boekhouder noch door Lacta Fides ontkennend is gereageerd. Ook de loonstrook van juli 2017 is gebaseerd op 36 uur per week. Ook werd niet gewerkt met een (oproep)rooster en is geen sprake geweest van daadwerkelijke oproepen. Uitgangspunt is dan ook dat werkneemster over de maanden juli en augustus 2017 aanspraak kan maken op een salaris dat is gebaseerd op een 36-urige werkweek.

Loondoorbetaling bij ziekte

Lacta Fides heeft de verhindering van werkneemster tot het verrichten van werkzaamheden betwist en gesteld dat grote twijfels zijn gerezen omtrent de arbeidsongeschiktheid van werkneemster. Zij heeft in dat verband gesteld dat werkneemster zich heeft onttrokken aan controles door de bedrijfsarts en contacten met de werkgever en erop gewezen dat werkneemster op 1 oktober 2017 een congres in Duitsland heeft bijgewoond en nadien voor een periode van twaalf dagen naar Irak is gereisd en daar heeft deelgenomen aan een voettocht.W werkneemster heeft geen deskundigenverklaring in het geding gebracht, noch aangevraagd. Lacta Fides heeft hierop geen beroep gedaan (in eerste aanleg of in hoger beroep). Het hof kan niet ambtshalve de vordering ter zake van loon bij ziekte afwijzen vanwege het ontbreken van het deskundigenoordeel, aangezien het geen bepaling van openbare orde betreft. Dit laat onverlet dat het op de weg lag van werkneemster om haar gestelde arbeidsongeschiktheid nader te onderbouwen. Dit heeft zij noch in eerste aanleg noch in hoger beroep gedaan. De enkele verwijzing door werkneemster naar de adviezen van de bedrijfsarts is naar het oordeel van het hof in de gegeven omstandigheden onvoldoende om het bestaan van haar arbeidsongeschiktheid te onderbouwen. Het voorgaande betekent dat werkneemster geen recht heeft op loon tijdens haar ziekteperiode.

De aanzegvergoeding

Dat Lacta Fides op enige wijze de aanzegging als bedoeld in artikel 7:668 lid 1 BW heeft gedaan, is gesteld noch gebleken, zodat deze vergoeding aan werkneemster verschuldigd is.