Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam (Locatie Rotterdam), 21 november 2018
ECLI:NL:RBROT:2018:9806
werknemer/Reinis N.V.
Feiten
Werknemer is in dienst van Reinis N.V. Binnen de organisatiestructuur van Reinis heeft op enig moment een wijziging plaatsgevonden, waarbij de afdeling SMC in zijn geheel is opgeheven. Daardoor is de functie van werknemer komen te vervallen. Dit betrof een unieke functie. De arbeidsovereenkomst van werknemer is opgezegd op grond van bedrijfseconomische omstandigheden als bedoeld in artikel 7:669 lid 3 sub a BW. Wat partijen thans verdeeld houdt, is de vraag of de werkzaamheden van werknemer zijn komen te vervallen.
Oordeel
De kantonrechter is van oordeel dat de werkzaamheden van werknemer inderdaad zijn komen te vervallen. Nog afgezien van het feit dat Reinis het aantal mkb-klanten wil afbouwen en zich volledig is gaan richten op het inzamelen van publiek afval, is komen vast te staan dat de werkzaamheden die nog betrekking hebben op mkb-klanten door de organisatiewijziging direct terecht zijn gekomen in de lijn stafstructuur, waardoor deze werkzaamheden zonder tussenkomst van een accountmanager sales afgewerkt kunnen worden. Het feit dat er op dit moment nog 400 zakelijke klanten bestaan, maakt dit niet anders. De wijziging van de organisatiestructuur waarbij de afdeling SMC in zijn geheel is opgeheven, brengt met zich dat de arbeidsplaats zoals die daar bestond noodzakelijkerwijs is komen te vervallen. Het kan van een werkgever niet verwacht worden dat hij bij het vervallen van een arbeidsplaats een nieuwe functie creëert uitsluitend om ervoor zorg te dragen dat er voor een werknemer een functie blijft bestaan binnen de onderneming. Het feit dat de gemeente Nissewaard enig aandeelhouder is van Reinis brengt niet noodzakelijkerwijs met zich dat Reinis had moeten onderzoeken of werknemer in een functie bij de gemeente te werk gesteld had moeten worden. De kantonrechter is met werknemer van oordeel dat op het moment dat de vacature voor een bedrijfsleider werd opengesteld het aannemelijk is dat in het concept van de wijziging van de structuur van de organisatie, de functie van werknemer zou komen te vervallen. De kantonrechter is van oordeel dat werknemer niet over de leidinggevende vaardigheden beschikt zoals die in de functie-eisen werden gesteld waarbij leiding moest worden gegeven aan 65 werknemers. Op grond daarvan rustte op Reinis niet de verplichting om werknemer te wijzen op deze functie of te onderzoeken of hij voor deze functie in aanmerking zou kunnen komen. Het vorenstaande leidt ertoe dat niet geoordeeld kan worden dat de arbeidsovereenkomst in strijd met artikel 7:669 lid 1 in samenhang met lid 3 sub b BW is opgezegd, zodat het verzoek van werknemer tot herstel dan wel een billijke vergoeding wordt afgewezen.