Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Steen! B.V.
Rechtbank Rotterdam (Locatie Rotterdam), 3 december 2019
ECLI:NL:RBROT:2019:9440

werknemer/Steen! B.V.

Belang werkgever bij handhaving concurrentie- en relatiebeding weegt op tegen belang werknemer om in dienst te kunnen treden bij concurrent. Niet onaannemelijk dat werknemer – die zelf arbeidsovereenkomst beëindigde – door kennis en ervaring in staat is schade te berokkenen aan werkgever.

Feiten

Werknemer is op 1 november 2013 bij Steen! B.V. (hierna: Steen) in dienst getreden op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd (zes maanden) in de functie van ‘Commercieel medewerker buitendienst’, met als standplaats Rotterdam. In de arbeidsovereenkomst van 1 november 2013 is een concurrentie- en een relatiebeding opgenomen. Bij brief van 18 maart 2019 heeft werknemer zijn arbeidsovereenkomst opgezegd per 1 mei 2019. Werknemer vordert in kort geding gehele of gedeeltelijke schorsing van het concurrentie- en relatiebeding, althans een zodanige voorziening te treffen als de kantonrechter geraden acht, in die zin dat het werknemer is toegestaan om werkzaamheden voor GDS Keramiek aan te vangen.

Oordeel

Schriftelijkheidsvereiste

De eerste vraag die beantwoord moet worden is of het concurrentie- en relatiebeding die in de arbeidsovereenkomst van 1 november 2013 zijn opgenomen nog geldig zijn. De arbeidsovereenkomst dateert van vóór de (gedeeltelijke) inwerkingtreding van de WWZ per 1 januari 2015. De kantonrechter overweegt dat partijen de arbeidsovereenkomst daarna stilzwijgend hebben voortgezet en dat in de loop van 2015 een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is ontstaan. Werknemer stelt dat er sprake is van een gewijzigde overeenkomst, dan wel dat de arbeidsovereenkomst in de loop der jaren niet onder dezelfde voorwaarden is voortgezet, zodat de bedingen hun gelding hebben verloren. Naar het oordeel van de kantonrechter is echter voldoende komen vast te staan dat de overname van een aantal taken van de directeur slechts tijdelijk was. Daarnaast zijn er wel enkele wijzigingen, maar brengen een salarisverhoging van € 1.000 over een periode van 8 jaar en een wijziging van 32 naar 40 uur niet mee dat er sprake was van een gewijzigde arbeidsovereenkomst dan wel een zodanige wijziging van de inhoud van de functie, dat het concurrentie- en relatiebeding opnieuw hadden moeten worden overeengekomen. De bedingen hebben hun geldigheid behouden.

Ernstig verwijtbaar handelen c.q. schadeplichtigheid werkgever

De kantonrechter oordeelt vervolgens dat van ernstig verwijtbaar handelen dan wel schadeplichtigheid aan de zijde van Steen geen sprake is. Het enkele niet nakomen van toezeggingen over toekomstperspectieven door Steen (los van het feit dat deze toezeggingen niet vaststaan) leidt niet per definitie tot ernstig verwijtbaar handelen of een schadeplichtig ontslag.

Belangenafweging

Ook de belangenafweging van artikel 7:653 lid 2 (oud) BW kan werknemer niet baten. GDS Keramiek en Steen zijn concurrenten van elkaar. Werknemer had bij Steen een commerciële functie en was op de hoogte van het klantenbestand van Steen en heeft de afgelopen jaren goodwill kunnen opbouwen bij klanten en relaties van Steen. Het is niet onaannemelijk dat werknemer in staat is om schade te berokkenen aan Steen. De belangen van werknemer zijn van onvoldoende gewicht om te kunnen concluderen dat hij onbillijk wordt benadeeld. Hij heeft zijn arbeidsovereenkomst zelf opgezegd. Hij had zich op dat moment moeten realiseren dat het concurrentie- en relatiebeding hem konden belemmeren bij zijn zoektocht naar een nieuwe baan met als gevolg dat hij zonder inkomen zou komen te zitten. Door het concurrentie- en relatiebeding wordt werknemer weliswaar belemmerd in zijn vrije arbeidskeuze, maar deze bedingen zijn slechts aangegaan voor de duur van twaalf maanden en het concurrentiebeding geldt alleen voor een straal van 30 km vanaf Rotterdam. Werknemer heeft in zijn geheel niet onderbouwd dat het voor hem niet mogelijk is om buiten deze straal van 30 km te gaan werken gedurende de eerste twaalf maanden na het einde van het dienstverband bij Steen. De vorderingen van werknemer worden afgewezen.