Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Gebr. Kramer Handel en Scheepvaart B.V. , HKS Scrap Metals B.V., Havenbedrijf Amsterdam N.V. en Gebr. Kramer Handel en Scheepvaart B.V./Havenbedrijf Amsterdam N.V., HKS Scrap Metals B.V.
Rechtbank Rotterdam (Locatie Rotterdam), 13 mei 2020
ECLI:NL:RBROT:2020:4462
Werkgever heeft door niet te controleren of op veilige wijze wordt gewerkt, hetgeen in dit geval eenvoudig had gekund, zijn zorgplicht geschonden en is aansprakelijk voor de door werknemer geleden schade.

Feiten

Werknemer is op 1 januari 2014 in dienst getreden van Kramer. Op 20 maart 2015 heeft werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden ernstig lichamelijk letsel opgelopen doordat bij het aanmeren van een duwcombinatie aan de kade de meerdraad is teruggesprongen en tegen werknemer is aangekomen. Werknemer is sindsdien volledig arbeidsongeschikt. Het dienstverband is per 31 december 2015 geëindigd. Er heeft onderzoek plaatsgevonden naar de toedracht en de schade. Expertise- en Schaderegelingsbureau Tijbout B.V. heeft een schadestaat opgemaakt die uitkomt op een bedrag van € 665.000. Sedgwick Nederland B.V. adviseert in een rapport van 12 juni 2019 een bedrag van tussen de € 400.000 en € 450.000 ter afdoening van de schade van werknemer in het kader van een minnelijke regeling. Werknemer vordert een verklaring voor recht dat Kramer aansprakelijk is. Kramer vordert (in een gevoegde procedure) dat het Havenbedrijf en HKS hoofdelijk aansprakelijk zijn.

Oordeel

In de hoofdzaak

De rechtsbetrekking wordt beheerst door artikel 7:658 BW. De geschetste toedracht laat geen andere uitleg toe dan dat X het bijdraaien van de combinatie had ingezet, terwijl werknemer nog in de gevarenzone stond. Kramer treft een verwijt dat werknemer nog in de gevarenzone stond, toen X begon met bijdraaien. Het ongeval had makkelijk kunnen worden voorkomen, namelijk door te wachten met bijdraaien, totdat werknemer weg was uit de gevarenzone. Dat Kramer erop heeft vertrouwd dat dit het geval was, omdat werknemer die instructie op enig moment heeft gekregen, kan haar niet baten. Enkel instrueren of waarschuwen is in beginsel onvoldoende. Een werkgever moet ook controleren of op een veilige wijze wordt gewerkt. Dat had eenvoudig gekund, door werknemer in het oog te houden, of via de portofoon te vragen of werknemer al buiten de gevarenzone stond. Door deze eenvoudige controlemaatregel niet na te leven, heeft Kramer haar zorgplicht geschonden, terwijl nakoming het ongeval had kunnen voorkomen. De primaire vordering ligt voor toewijzing gereed.

In de gevoegde zaak

Volgens Kramer is de oorzaak van het terugschieten van de draad gelegen in het afbreken van de bolder. Zij houdt het Havenbedrijf en HKS daarvoor aansprakelijk primair op grond van onrechtmatige daad ex artikel 6:162 BW. Dat de bolder niet voldeed aan de daaraan te stellen eisen voor gebruik door de beroepsvaart is genoegzaam komen vast te staan. Het standpunt dat de bolder niet geschikt hoefde te zijn voor de beroepsvaart en VI en dat voor zover het Havenbedrijf weet HKS de bolders nooit heeft gebruikt om duwcombinaties als waar het hier om gaat aan af te meren, valt niet te rijmen met de door Kramer in het geding gebrachte foto’s van de kade. De bolders dienden wel degelijk geschikt te zijn voor vaarklasse V en zwaarder en waren dat vanwege hun geringe trekkracht, door ouderdom en slijtage onmiskenbaar niet. De ongeschiktheid van de bolder kan bovendien worden aangemerkt als oorzaak van het afbreken van de bolder. Resumerend is vast komen te staan dat de meerdraad is teruggeschoten doordat de bolder is afgebroken en dat de bolder is afgebroken doordat die als gevolg van slijtage en ouderdom ongeschikt was voor het gebruik dat ervan werd gemaakt. Het beroep ter afwering van aansprakelijkheid op het exoneratiebeding is bovendien naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar. De schade van werknemer wordt gelijk gewaardeerd, voor ieder een derde deel.