Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Novus Professionals B.V.
Rechtbank Overijssel (Locatie Zwolle), 26 augustus 2020
ECLI:NL:RBOVE:2020:2971
Rechtsgeldig gegeven ontslag op staande voet, omdat werknemer de stelling van werkgever dat hij zonder toestemming onder werktijd en met zaken op naam en rekening van werkgever (klus)werkzaamheden voor derden zou verrichten, onvoldoende betwist.

Feiten

Novus Professionals B.V. (hierna: Novus) is een uitzendbureau. Werknemer is op 1 december 2017 als uitzendkracht in dienst getreden bij Novus in de functie van montagemedewerker. In de periode februari en maart 2020 was werknemer belast met de verbouwing van een pand in Duitsland. Dit project liep vertraging op. Hierop heeft Novus de rittenadministratie 2020 van de werkauto van werknemer erop nageslagen. Op 30 maart 2020 heeft Novus werknemer geconfronteerd met de resultaten van het onderzoek naar de rittenadministratie. Op 31 maart 2020 heeft Novus werknemer een vaststellingsovereenkomst ter beëindiging van het dienstverband per 1 april 2020 aangeboden. Diezelfde dag hebben Novus en werknemer de vaststellingsovereenkomst ondertekend. Bij brief van 10 april 2020 heeft werknemer de vaststellingsovereenkomst ontbonden. Op 16 april 2020 heeft Novus werknemer op staande voet ontslagen wegens – kort gezegd – het zonder toestemming en voor eigen rekening (klus)werkzaamheden voor derden verrichten onder werktijd en met zaken op naam en rekening van Novus. Werknemer verzoekt de kantonrechter voor recht te verklaren dat het ontslag op staande voet onrechtmatig is. Daarnaast verzoekt werknemer de kantonrechter Novus te veroordelen tot betaling van de transitievergoeding, een billijke vergoeding en een vergoeding wegens onregelmatige opzegging.

Oordeel

Onverwijld ontslag

Het woord ‘onverwijld’ geeft enige ruimte na het ontdekken van de dringende reden voordat tot ontslag moet worden overgegaan. Op voorwaarde dat voortvarend wordt gehandeld, is er bijvoorbeeld gelegenheid voor onderzoek en het inwinnen van juridisch advies. In dit geval heeft Novus het ontslag gebaseerd op haar bevindingen uit het onderzoek dat zij op 16 april 2020 heeft verricht. Daarnaast heeft Novus juridisch advies ingewonnen. Novus heeft vervolgens na afronding van het onderzoek en na het inwinnen van juridisch advies, werknemer nog op dezelfde dag ontslagen. Novus heeft gelet op die omstandigheden voldoende voortvarend gehandeld zodat het ontslag onverwijld is gegeven. Daarbij komt dat werknemer niet heeft gesteld dat Novus al op of omstreeks 31 maart 2020 bekend was of redelijkerwijs bekend had kunnen zijn met de bevindingen uit het nadere op 16 april 2020 begonnen onderzoek.

Onverwijlde mededeling

Het vereiste dat de dringende reden ‘onverwijld wordt medegedeeld’ strekt ertoe te waarborgen dat het voor werknemer onmiddellijk duidelijk is welke eigenschappen of gedragingen Novus heeft gebracht tot het beëindigen van de arbeidsovereenkomst. In dit geval heeft Novus in de brief van 16 april 2020 – de ontslagbrief – in heldere bewoordingen aan werknemer medegedeeld welke dringende reden aan het ontslag ten grondslag ligt. De brief verwijst naar een aantal specifieke adreslocaties waar werknemer onder werktijd ‘werkzaam c.q. aanwezig’ zou zijn geweest. Volgens Novus werkte werknemer ook buiten werktijd voor derden, nadat hij op eigen verzoek eerder naar huis mocht vanwege gezondheidsredenen. De tekst van voormelde brief is in duidelijke bewoordingen opgeschreven en is niet voor meerdere interpretaties vatbaar.

Dringende reden

Tussen partijen is niet in geschil dat werknemer onder werktijd en op momenten dat hij vanwege zijn gezondheidssituatie eerder van het werk was vertrokken, langdurig en structureel aanwezig is geweest op de vier adressen zoals genoemd in de ontslagbrief. Evenmin is in geschil dat op die adressen klusprojecten liepen en dat werknemer in dat kader werkzaamheden heeft verricht. Wel is tussen partijen in geschil of die werkzaamheden onder werktijd hebben plaatsgevonden. De kantonrechter is van oordeel dat werknemer niet kon volstaan met de stelling dat Novus niet kan bewijzen dat werknemer onder werktijd werkzaamheden elders heeft verricht. Voor zover werknemer verlangt dat Novus met beeldmateriaal aantoont dat werknemer onder werktijd op die adressen aan het klussen was, dan miskent werknemer dat hij de stellingen van Novus voldoende gemotiveerd dient te weerspreken. De kantonrechter acht de stellingen van werknemer ongeloofwaardig nu hij zelf heeft verklaard dat hij op die adressen werkzaamheden heeft verricht. Gelet op het voorgaande gaat de kantonrechter uit van de door Novus gestelde gang van zaken. Naar het oordeel van de kantonrechter levert het complex van voornoemde feiten en omstandigheden voldoende grond op voor een ontslag op staande voet. Novus heeft de arbeidsovereenkomst met werknemer op 16 april 2020 dan ook om een dringende reden onverwijld mogen opzeggen. Het voorgaande leidt ertoe dat de door werknemer verzochte verklaring voor recht wordt afgewezen. Hetzelfde geldt voor het verzoek van werknemer om toekenning van een billijke vergoeding en de door hem verzochte vergoeding in verband met de onregelmatige opzegging. De feiten en omstandigheden die de dringende reden vormen, leveren in dit geval ook ernstige verwijtbaarheid op. Dat betekent dat het verzoek van werknemer om toekenning van de transitievergoeding eveneens wordt afgewezen.