Naar boven ↑

Rechtspraak

Repa Conveyor Equipment B.V./werknemer c.s.
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Alkmaar), 3 februari 2021
ECLI:NL:RBNHO:2021:861
Commercieel en technisch manager treden na einde dienstverband in dienst bij de concurrent en overtreden volgens de kantonrechter drie keer het concurrentiebeding en twee keer het relatiebeding. Beide werknemers dienen boete ter hoogte van € 50.000 aan werkgever te voldoen.

Feiten

Op 1 juni 2010 zijn werknemers in dienst getreden bij Repa Conveyor Equipment B.V. (hierna: Repa), als commercieel manager en technisch manager. Repa is een onderneming die zich bezighoudt met de handel, levering en installatie van transportrollen, trogrollen, trogstellen, trommels, trogframes en andere onderdelen die verband houden met rol- en transportbanden. In de arbeidsovereenkomsten van beide werknemers zijn opgenomen: een concurrentiebeding, relatiebeding, geheimhoudingsbeding en gekoppeld daaraan een boetebeding. Beide werknemers hebben hun arbeidsovereenkomst met Repa opgezegd met ingang van 31 mei 2018 en zijn aansluitend in dienst getreden bij ARP Engineering (hierna: ARP), een concurrent van Repa. Op 7 maart 2019 heeft Repa aan werknemers een brief gestuurd waarin onder meer staat dat zij heeft geconstateerd dat werknemers het concurrentie- en het relatiebeding hebben overtreden. Zij zijn na hun vertrek naar ARP actief geworden in exact dezelfde branche als Repa, zijn Repa gaan beconcurreren, hebben relaties van Repa benaderd en hebben bedrijfsgeheimen van Repa aan derden verschaft, aldus Repa. Repa vordert dat de kantonrechter werknemers ieder om die reden veroordeelt tot betaling van € 120.000 aan verbeurde boetes.

Oordeel

Overtreding non-concurrentiebeding

De kantonrechter is van oordeel dat Repa ervan uit kon gaan dat de activiteiten van werknemers zouden worden uitgevoerd, zonder dat zij relaties van Repa daarvoor zouden benaderen. Repa heeft aan haar vordering drie gedragingen ten grondslag gelegd: (1) een bezoek aan FLSmidt Denemarken in september 2018; (2) zakelijke contacten met FLS Wadgassen en (3) zakelijke contacten met Q-tech. Werknemers hebben (met gebruikmaking van de kennis over prijzen van Repa) aan FLSchmidth een prijslijst verstrekt, die per onderdeel net onder de prijzen van Repa ligt. Dit levert een overtreding van het concurrentiebeding op, ook al is het niet tot een daadwerkelijke levering gekomen. Ook ten aanzien van FLS Wadgassen staat vast dat werknemers prijsopgaves en offertes hebben verstrekt, hetgeen wederom een overtreding van het concurrentiebeding oplevert. Met Q-tech is zakelijk contact geweest, omdat zij door Repa in de problemen was gekomen door vertraging in levertijden. De kantonrechter oordeelt ten aanzien van dit zakelijk contact dat ook het leveren aan klanten van Repa met het oogmerk deze uit de brand te helpen op het gebied van te halen levertijden, valt onder de reikwijdte van het concurrentiebeding. Met het voorgaande is komen vast te staan dat sprake is van drie overtredingen van het concurrentiebeding.

Overtreding relatiebeding

Repa legt aan de vordering voorts ten grondslag dat sprake is van twee schendingen van het relatiebeding en stelt dat die schendingen onder meer blijken uit het bezoek aan leverancier China Conveyor (C&Y China) in China door werknemers in juni 2018 en het zakelijk contact dat is gelegd met De Regt Conveyor Systems (hierna: De Regt) in de periode augustus 2018 tot en met februari 2019. Volgens werknemers is C&Y China een leverancier van Repa en daardoor niet aan te merken als een relatie in de zin van het relatiebeding. De kantonrechter volgt werknemers hierin niet en stelt dat ook een leverancier onder de reikwijdte van het beding valt. Een werkgever kan immers goede prijzen hebben bedongen bij de leverancier. Met kennis van die prijzen kan een ex-werknemer zijn voordeel doen indien hij zelf bij de leverancier goederen bestelt en daarmee een concurrentievoordeel van de werkgever tenietdoen. Met De Regt, een relatie van Repa, is in de referteperiode zakelijk contact geweest, waarmee dit ook valt onder het relatiebeding. Dat ARP uiteindelijk geen order heeft ontvangen van de Regt, doet niet af aan de schending van het relatiebeding. Dit levert dus tweemaal schending op van het relatiebeding.

Matiging boete

Nu vaststaat dat werknemers het concurrentie-/relatiebeding vijfmaal hebben overtreden, is de daarop gestelde boete van in totaal € 100.000 in beginsel verbeurd. De kantonrechter ziet aanleiding de boete te matigen tot € 50.000. De kantonrechter neemt daarbij het salaris van werknemers bij Repa mee en het gegeven dat hun inkomen nu ook niet hoog is. Verder is van belang dat Repa niet heeft onderbouwd dat zij door de schending van het concurrentie- en relatiebeding directe en aantoonbare schade heeft geleden. Voor verdere matiging is geen aanleiding, omdat werknemers willens en wetens de bedingen hebben overtreden, zoals blijkt uit de toon en inhoud van diverse e-mails en Whatsapp-berichten.