Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Fieldwork B.V.
Rechtbank Den Haag (Locatie Den Haag), 26 november 2020
ECLI:NL:RBDHA:2020:14408
Dreigend whatsappbericht was niet ondubbelzinnig, zodat het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig is. Toekenning billijke vergoeding en transitievergoeding.

Feiten

Werknemer is op 11 november 2019 in dienst getreden bij Fieldwork B.V. Op 5 februari 2020 heeft werknemer zich ziek gemeld. Fieldwork heeft werknemer meerdere keren op geroepen tot werkzaamheden, waarna een aantal keer tot een loonstop is overgegaan. Op 4 april 2020 doet werknemer een verzoek om mediation, omdat volgens hem sprake is van een arbeidsconflict. Fieldwork heeft dit verzoek afgewezen. Op advies van de bedrijfsarts heeft Fieldwork werknemer uitgenodigd voor een gesprek op 16 april 2020. Omdat de situatie van werknemer was verslechterd is dit gesprek niet doorgegaan. Vervolgens heeft Fieldwork werknemer opgeroepen om op 4 mei 2020 werkzaamheden te verrichten. Bij bericht van 1 mei 2020 heeft werknemer aan Fieldwork bericht dat zijn klachten zijn verslechterd en dat hij een second opinion wil. In juni 2020 hebben partijen twee gesprekken gevoerd met een mediator. Nadat het gesprek van 18 juni 2020 was geëindigd, heeft werknemer een whatsappbericht gestuurd aan Fieldwork met als inhoud: “Jij gaat kapot.” Bij brief van 18 juni 2020 heeft Fieldwork werknemer op staande voet ontslagen. Aan het gegeven ontslag heeft werkgever kort gezegd ten grondslag gelegd dat werknemer werkgever heeft bedreigd tijdens het mediationgesprek op 18 juni 2020 en door middel van een whatsappbericht direct na dit gesprek en al eerder dergelijk onwenselijk gedrag had laten zien bij een eerdere opdrachtgever en bij werkgever. Op 24 juni 2020 heeft Fieldwork aangifte van bedreiging door werknemer gedaan bij de politie. Werknemer verzoekt Fieldwork te veroordelen tot betaling van het achterstallig salaris, betaling van een transitievergoeding, een billijke vergoeding van € 55.960 en € 500.000 aan reputatieschade.

Oordeel

Naar het oordeel van de kantonrechter is het op 18 juni 2020 gegeven ontslag op staande voet niet rechtsgeldig. Daartoe overweegt de kantonrechter dat werknemer het berichtje met de inhoud “Jij gaat kapot” niet had moeten sturen, omdat het als dreigend kan worden ervaren. Naar het oordeel van de kantonrechter rechtvaardigt het berichtje echter geen ontslag op staande voet. Daartoe is relevant dat de inhoud van het berichtje niet ondubbelzinnig is. Er kan dan ook niet zonder meer worden geconcludeerd dat werknemer heeft gedreigd met het toebrengen van lichamelijk letsel, waar Fieldwork van uit lijkt te gaan. Het gestelde gedrag van de werknemer tijdens het mediationgesprek was evenmin van dien aard dat het berichtje zonder meer kan worden uitgelegd als een bedreiging gericht tegen Fieldwork om hem fysiek iets aan te doen. Gelet op de niet ondubbelzinnige inhoud van het berichtje en de aanleiding voor het versturen ervan, had Fieldwork nog contact kunnen opnemen met de werknemer om het berichtje te bespreken als de emoties wat bedaard waren, alvorens een ontslag op staande voet te geven. Omdat Fieldwork ernstig verwijtbaar heeft gehandeld door werknemer ten onrechte ontslag op staande voet te geven, wordt aan werknemer een billijke vergoeding van € 3.700 toegekend. Daartoe overweegt de kantonrechter dat ook zonder het ontslag op staande voet de arbeidsovereenkomst op korte termijn beëindigd zou zijn, gelet op de verstoorde arbeidsverhouding tussen partijen. Werknemer kan niet zonder meer worden gevolgd in zijn standpunt dat de loonsanctie ten onrechte is. Dat de werkgever de re-integratie heeft belemmerd, zoals werknemer stelt, staat evenmin vast. Bij het bepalen van de billijke vergoeding wordt voorts betrokken dat aan werknemer de transitievergoeding en een vergoeding wegens onregelmatig ontslag wordt toegekend. De vordering tot betaling van reputatieschade wordt afgewezen.