Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/ Fositrans B.V.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (Locatie Leeuwarden), 4 mei 2021
ECLI:NL:GHARL:2021:4446
Het hof heeft behoefte aan nadere toelichting van partijen op de door werknemer ingestelde loonvordering en bepaalt een inlichtingencomparitie.

Feiten

Werknemer is vanaf 1 april 2018 tot de ontbinding van zijn arbeidsovereenkomst per 1 februari 2019 als schipper in dienst geweest bij Fositrans. Samen met zijn vrouw heeft hij het door hen ook bewoonde schip (na een later onterecht gebleken ontslag op staande voet wegens werkweigering) op 26 juli 2018 verlaten en sindsdien heeft hij geen werkzaamheden meer uitgevoerd voor Fositrans. Volgens werknemer heeft hij in de periode van april tot en met juli 2018 563½ overuren gemaakt. Hij vorderde bij de kantonrechter betaling van deze overuren. De kantonrechter heeft de vordering afgewezen. Werknemer komt tegen het vonnis in hoger beroep.

Oordeel

Het hof overweegt dat in de arbeidsovereenkomst niet in uren is uitgedrukt wat de overeengekomen arbeidsomvang is, maar beide partijen gaan blijkens hun stellingen uit van een fulltimedienstverband. In hoger beroep voert werknemer aan dat de kantonrechter een onjuiste uitleg geeft aan de bepaling dat het loon inclusief inwoning en alle van toepassing zijnde toeslagen is. Overuren in het weekend en op feestdagen vallen daar niet onder. Ook heeft hij een nieuw overzicht overgelegd waaruit moet blijken dat hij op weekend- en feestdagen 242 uur heeft moeten werken en van die opdracht biedt hij bewijs door getuigen aan. Fositrans handhaaft haar stelling dat het loon de vergoeding voor alle werkzaamheden is, dat zij nimmer overwerk heeft opgedragen en dat eventueel met haar instemming te verrichten werk in het weekend gecompenseerd mocht worden op doordeweekse dagen. Het hof heeft behoefte aan nadere toelichting van partijen en bepaalt een inlichtingencomparitie.