Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Akzo Nobel Nederland B.V.
Rechtbank Amsterdam (Locatie Amsterdam), 31 maart 2022
ECLI:NL:RBAMS:2022:1543
Boventalligheid werknemer wegens bedrijfseconomische redenen. Akzo Nobel heeft de vrijheid om haar organisatie naar eigen inzicht in te richten. Geen uitwisselbare functies.

Feiten

Werknemer is op 1 februari 2019 in dienst getreden van Akzo Nobel Nederland B.V. (hierna: Akzo Nobel) voor 40 uur per week tegen een laatstverdiend salaris van € 10.166,67 bruto per maand. Op 6 december 2018 heeft de Centrale Ondernemingsraad positief geadviseerd over een voorgenomen wijziging van de inkooporganisatie. In het kader van een tweede reorganisatie heeft de Centrale Ondernemingsraad op 17 december 2019 positief geadviseerd. Over 2019 en 2020 is het functioneren van werknemer beoordeeld met een score van 2 (op een totaal van 5). Als gevolg van de tweede reorganisatie is de functie van werknemer boventallig geworden. Op 20 oktober 2020 heeft Akzo Nobel werknemer aangezegd dat zijn functie zou komen te vervallen en dat hij boventallig wordt verklaard. Werknemer heeft op 15 december 2020 bezwaar gemaakt bij de Landelijke Bezwarencommissie van Akzo Nobel, omdat hij vindt dat zijn functie uitwisselbaar is met de nieuw gecreëerde functie en hij geschikt is voor deze functie. De Bezwarencommissie heeft op 12 maart 2021 geoordeeld dat de functie van werknemer niet uitwisselbaar is met de nieuwe functie en niet passend is. Op 1 april 2021 heeft Akzo Nobel een ontslagaanvraag bij het UWV ingediend. Op 16 juni 2021 heeft Akzo Nobel toestemming gekregen om de arbeidsovereenkomst op te zeggen. Werknemer verzoekt onder meer de dienstbetrekking tussen hem en Akzo Nobel te herstellen, omdat geen sprake is van bedrijfseconomische redenen waardoor zijn functie is vervallen. Bovendien is zijn functie uitwisselbaar met de nieuw gecreëerde functie. 

Oordeel

De kantonrechter beoordeelt of sprake is van een redelijke grond van het ontslag van werknemer en of herplaatsing niet mogelijk was. 

Bedrijfseconomische noodzaak

Met het UWV is de kantonrechter van oordeel dat Akzo Nobel voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de arbeidsplaats van werknemer per 1 januari 2021 is vervallen om bedrijfseconomische redenen die noodzakelijk zijn voor een doelmatige bedrijfsvoering. Dergelijke beslissingen vallen onder de vrijheid van de onderneming om haar organisatie naar eigen inzicht in te richten en worden terughoudend getoetst. Bij de beoordeling van de uitwisselbaarheid van functies gaat het om een objectieve, niet aan een individuele werknemer gekoppelde, vergelijking van de functie. Werknemer heeft naar de kern genomen gesteld dat zijn functie met een andere naam is blijven bestaan en dat uit de functieomschrijving geen verschil zou blijken. Deze stellingen zijn onvoldoende komen vast te staan. Niet kan worden gezegd dat de uitoefening van de functie van werknemer in de praktijk dermate overeenstemt met de nieuw gecreëerde functie en dat om die reden sprake is van uitwisselbare functies. De kantonrechter leidt uit de functieomschrijvingen af dat het functieniveau van beide functies verschilt en er is een aanzienlijk verschil in beloning en in verantwoordelijkheid. Volgens de kantonrechter is correct afgespiegeld. 

Herplaatsing

Akzo Nobel heeft contact onderhouden met werknemer om de mogelijkheden te onderzoeken naar een andere passende functie. Werknemer richtte zich louter op plaatsing in de nieuwe gecreëerde functie. Akzo Nobel heeft werknemer actief benaderd voor vacatures, maar werknemer heeft hierop niet gereageerd en is niet ingegaan op uitnodigingen voor gesprekken over herplaatsing naar passende functies. Dat werknemer ongeschikt is geacht voor de nieuw gecreëerde functie is volgens de kantonrechter niet onbegrijpelijk. Akzo Nobel heeft zich ingespannen om werknemer te herplaatsen in een passende (andere) functie. 

Goed werkgeverschap

Akzo Nobel heeft zorggedragen voor de opstelling van een Sociaal Plan, op grond waarvan zij heeft voorzien in de voor haar verplichte herplaatsingsactiviteiten en outplacement. Ook voorziet het Sociaal Plan in een ten opzichte van de wettelijke transitievergoeding royale beëindigingsvergoeding. Het verzoek om een schadevergoeding wordt daarom ook afgewezen.