Naar boven ↑

Rechtspraak

Gemeente Doetinchem/werknemer c.s.
Rechtbank Gelderland (Locatie Zutphen), 24 maart 2021
ECLI:NL:RBGEL:2021:1298
Werknemer heeft tussen 2007 en 2020 vanuit zijn functie als teamleider bij de gemeente Doetinchem facturen opgesteld voor zijn zus wegens haar geldproblemen, deze facturen geaccordeerd vanuit zijn functie en daarmee een aanzienlijk bedrag verduisterd. Terugbetaling van onder meer € 2.073.645,15 aan werkgeefster.

Feiten 

Werknemer was in dienst bij van de gemeente Doetinchem (hierna: gemeente), laatstelijk in de functie van teamleider Facilitair. Als teamleider ging werknemer over de budgetten en hij kon zelfstandig bestellingen plaatsen en facturen accorderen. Op 7 april 2020 heeft de gemeente het Bureau Integriteit B.V. (hierna: BING) verzocht om een onderzoek te doen naar onregelmatigheden. Bij dat onderzoek is aan het licht gekomen dat werknemer in de periode tussen 2007 en 2020 aanzienlijke bedragen heeft verduisterd vanuit de gemeente. Werknemer is op staande voet ontslagen door de gemeente. Werknemer heeft verklaard dat hij betalingen van facturen heeft geaccordeerd, maar dat er geen goederen zijn geleverd. De facturen kwamen van verschillende bedrijven van de zus van werknemer (waaronder JAG Holding B.V.), die wegens geldproblemen om geld aan werknemer vroeg. Werknemer stelde vervolgens facturen op voor het geldbedrag dat zijn zus nodig had, stuurde deze facturen naar de gemeente en acoordeerde deze facturen. Als betaaladres stond op de facturen de bankrekening van de bedrijven van zijn zus vermeld. De ontvangen bedragen heeft de zus op de bankrekening van werknemer gestort. De gemeente vordert onder meer dat werknemer en zijn zus een bedrag van € 2.682.880,58 aan verduisterd geld aan de gemeente betalen. Verder vordert de gemeente dat JAG Holding een bedrag van € 214.803,10 aan de Gemeente betaalt. Werknemer is volgens de gemeente toerekenbaar tekortgeschoten in zijn verplichtingen als ambtenaar. De zus van werknemer heeft ook onrechtmatig gehandeld jegens de gemeente door met werknemer samen te werken om het geld van de gemeente te verduisteren. JAG Holding heeft ook onrechtmatig gehandeld door valse facturen naar de gemeente te sturen. De zus van werknemer en JAG Holding vorderen dat de gemeente niet-ontvankelijk moet worden verklaard in haar vordering. 

Oordeel 

Volgens de rechtbank heeft de zus van werknemer willens en wetens toegestaan dat de facturen op de naam van haar bedrijven werden verzonden en dat de bankrekening van deze bedrijven werd gebruikt voor het wegsluizen van geld. Daarmee heeft de zus van werknemer onrechtmatig gehandeld jegens de gemeente en dit kan haar worden toegerekend. Volgens JAG Holding heeft zij slechts toegestaan dat de zus van werknemer voor haar onderneming gebruikmaakte van de door JAG Holding geregistreerde handelsnaam. JAG Holding heeft slechts een bedrijf geregisteerd van de zus van werknemer om haar te helpen. Zij betwist bij gebrek aan wetenschap dat er valse facturen op haar naam zijn verstuurd en dat naar aanleiding van deze facturen door de gemeente betalingen zijn verricht. Volgens de rechtbank heeft JAG Holding onrechtmatig gehandeld door een van de bedrijven van de zus van werknemer in te schrijven. Bovendien heeft JAG Holding toegestaan dat de zus van werknemer een bankrekening opende op naam van het bedrijf. Daarvoor was actieve medewerking nodig van de bestuurder van JAG Holding. Volgens de rechtbank heeft JAG Holding in strijd gehandeld met de wettelijke plicht dan wel hetgeen in het maatschappelijk verkeer betaamt. De rechtbank veroordeelt werknemer en zijn zus tot betaling aan de gemeente van een bedrag van € 2.073.645,15, te vermeerderen met de wettelijke rente. JAG Holding, werknemer en zijn zus worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling aan de gemeente van een bedrag van € 157.391,10 te vermeerderen met de wettelijke rente.