Naar boven ↑

Rechtspraak

de stichting STICHTING THEATERPRODUCTIEHUIS ZEELANDIA/werknemer
Rechtbank Zeeland-West-Brabant (Locatie Middelburg), 5 september 2022
ECLI:NL:RBZWB:2022:5006
Ontbinding van de arbeidsovereenkomst vanwege een verstoorde arbeidsverhouding. Samenwerken is onmogelijk geworden terwijl de samenwerking wel nodig is bij de uitvoering van het werk.

Feiten 

Werknemer is vanaf 2000 werkzaam bij de Stichting Theaterproductiehuis Zeelandia (hierna: Zeelandia), een theaterproductiehuis dat reizende theaterproducties maakt voor uitvoeringen door het hele land. In 2017 heeft een incident plaatsgevonden waarbij werknemer aanwezig was. Werknemer wordt onder meer verweten dat hij een productie heeft laten lezen aan een schrijver, regisseur en actrices en dat hij de productie naar een latere datum heeft verschoven. Zeelandia verzoekt onder meer ontbinding wegens primair verwijtbaar handelen, subsidiair disfunctioneren, meer subsidiair een verstoorde arbeidsverhouding en nog meer subsidiair een combinatie van omstandigheden. Volgens Zeelandia heeft werknemer meerdere keren zijn bevoegdheden overschreden, wat heeft geleid tot financiële schade, imagoschade en schade in het netwerk van Zeelandia. Dat werknemer niet transparant was over zijn contacten met een bepaald persoon, is ernstig verwijtbaar. Werknemer voldoet evenmin aan de eisen voor artistiek leider. Aan werknemer is begeleiding aangeboden, maar dat heeft niet geleid tot verbetering. Volgens werknemer is Zeelandia niet-ontvankelijk in haar verzoek omdat de raad van toezicht van Zeelandia goedkeuring had moeten geven voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Volgens werknemer is er geen grond voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst en hij betwist dat hij bevoegdheden zou hebben overschreden. Omdat de directeur-bestuurder naliet afspraken te maken en voor langere tijd afwezig was wegens ziekte, heeft werknemer afspraken moeten maken omdat het werk anders stil zou komen te liggen. Dat een productie is verschoven, valt volgens werknemer niet onder zijn verantwoordelijkheid. Werknemer betwist dan ook dat sprake is van disfunctioneren. Als er wel sprake mocht zijn van disfunctioneren, had Zeelandia daarvoor een verbetertraject moeten aanbieden en dat is niet gebeurd. Van een verstoorde arbeidsverhouding is volgens werknemer ook geen sprake. 

Oordeel 

Volgens de kantonrechter is Zeelandia ontvankelijk in haar verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst omdat de directie namens Zeelandia mag handelen, ook in de gevallen waarin zij heeft verzuimd om de raad van toezicht om goedkeuring te vragen. 

E-grond 

Werknemer heeft in het belang van Zeelandia willen handelen vanwege langdurige afwezigheid door ziekte van de directeur-bestuurder en om te voorkomen dat externe partijen zouden afhaken. Daarmee heeft werknemer de directeur-bestuurder niet moedwillig willen passeren. Dat levert geen verwijtbaar handelen op van werknemer. Ook andere incidenten die hebben plaatsgevonden leveren geen ernstig verwijtbaar handelen op. 

D-grond

Volgens de kantonrechter heeft Zeelandia werknemer niet voldoende in de gelegenheid gesteld zijn functioneren te verbeteren. Uit e-mails blijkt dat werknemer door Zeelandia wel is aangesproken op zijn gedrag, maar het uiten van kritiek maakt nog niet dat zij werknemer in de gelegenheid heeft gesteld om zijn functioneren te verbeteren. Daartoe diende Zeelandia een adequaat verbeterplan op te stellen met daarin een tijdspad, concrete, meetbare doelstellingen, evaluatiemomenten en de consequenties voor werknemer bij het achterblijven van de gewenste resultaten. Een dergelijk plan ontbreekt. 

G-grond

Volgens de kantonrechter is een ernstige en duurzaam verstoorde arbeidsverhouding ontstaan. Op de mondelinge behandeling heeft werknemer erkend dat gelet op de ontwikkelingen samenwerken met de raad van toezicht onmogelijk is geworden terwijl die samenwerking nodig is bij de uitvoering van het werk. Herplaatsing van werknemer binnen een redelijke termijn is niet mogelijk, waardoor de ontbinding van de arbeidsovereenkomst op de g-grond wordt toegewezen onder toekenning van een transitievergoeding. De kantonrechter ziet geen aanleiding voor toekenning van een billijke vergoeding.