Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Stichting Trajectum
Rechtbank Overijssel (Locatie Zwolle), 30 augustus 2022
ECLI:NL:RBOVE:2022:2526
Ontslagvergunning op de a-grond is terecht door het UWV afgegeven. Het ontslag blijft in stand. De primaire verzoeken van werknemer ex artikel 7:682 BW (lid 1, onderdeel a, b of lid 4), waaronder herstel van de arbeidsovereenkomst, worden afgewezen. Schending van de wederindiensttredingsvoorwaarde geeft recht op toekenning billijke vergoeding.

Feiten

Werknemer is op 15 september 2018 bij de Stichting Trajectum (hierna: Trajectum) in dienst gekomen in de functie van slaapwacht voor 12 uur per week. Zijn laatst verdiende salaris bedraagt € 950,90 bruto exclusief vakantietoeslag. Trajectum is een organisatie die zorg biedt op het terrein van de behandeling en begeleiding van cliënten met een licht verstandelijke beperking en onbegrepen en risicovol gedrag. De locaties van Trajectum bevinden zich in Noordoost- en Oost-Nederland. Trajectum heeft in het najaar van 2020 besloten om de functie van slaapwacht (een functie op niveau 2) te laten vervallen en de taken onder te brengen bij de nachtwacht (een functie op niveau 4). Trajectum heeft in november 2021 een ontslagaanvraag voor werknemer ingediend bij het UWV. Het UWV heeft een ontslagvergunning afgegeven op 24 februari 2022. Trajectum heeft de arbeidsovereenkomst vervolgens opgezegd tegen 1 april 2022. Werknemer is van mening dat de ontslagvergunning niet op goede grond is afgegeven. Daarnaast voert hij aan dat de wederindiensttredingsvoorwaarde door Trajectum is geschonden. Dat houdt in dat Trajectum binnen 26 weken na het ontslag een vacature voor de functie van slaapwacht niet heeft aangeboden aan werknemer. Werknemer wil in deze procedure primair herstel van zijn arbeidsovereenkomst (met nevenverzoeken) en subsidiair veroordeling van Trajectum tot betaling van een billijke vergoeding. Trajectum is het daar niet mee eens en vraagt om afwijzing van de verzoeken.

Oordeel

De ontslagvergunning  op basis van een bedrijfseconomische noodzaak

De kantonrechter is van oordeel dat er bij Trajectum een bedrijfseconomische noodzaak bestond om tot het verval van de functie van werknemer te komen. Trajectum heeft namelijk voldoende onderbouwd dat de functie van slaapwacht op de locatie Groot Hungerink is vervallen, omdat de aanwezigheid van medewerkers in de nacht voldoende is gewaarborgd door de functie van nachtwacht. De kantonrechter is van oordeel dat Trajectum in de aanloop naar het ontslag de stappen heeft genomen die daarvoor nodig zijn. Werknemer heeft tegen de gang van zaken bij Trajectum aangevoerd dat zij de Ondernemingsraad (OR) om advies had moeten vragen ten aanzien van het verval van zijn functie. Omdat het vervallen van de functie slechts betrekking had op één medewerker behoefde Trajectum geen advies aan de OR te vragen. In het kader van de herplaatsingsverplichting komt de kantonrechter tot het oordeel dat de mogelijkheden tot herplaatsing wel zijn onderzocht, maar dat dit niet tot een resultaat heeft geleid. Nu de ontslagvergunning door het UWV op goede grond is verleend komt de kantonrechter niet toe aan een herstel van de arbeidsovereenkomst.

Verzoek om toekenning billijke vergoeding en wederindiensttredingsvoorwaarde

Voor zover het subsidiaire verzoek van werknemer tot toekenning van een billijke vergoeding is gegrond op artikel 7:682 lid 1 onder b of lid 4, wordt dat verzoek afgewezen omdat er geen sprake is van een onterecht afgegeven ontslagvergunning. Vervolgens beoordeelt de kantonrechter het verzoek om een billijke vergoeding ex artikel 7:681 lid 1 sub d BW toe te kennen, op grond van de vraag of Trajectum in strijd heeft gehandeld met de wederindiensttredingsvoorwaarde. Die vraag is door de kantonrechter met ‘ja’ beantwoord nu Trajectum zelf heeft verklaard dat zij een vacature voor de functie van slaapwacht op een zorgboerderij in het oosten van de provincie Friesland aan werknemer had moeten aanbieden. De kantonrechter kent aan werknemer een billijke vergoeding van € 6.000 bruto toe.