Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/ Synthegra Archeologie B.V.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch (Locatie 's-Hertogenbosch), 29 november 2022
ECLI:NL:GHSHE:2022:4103
Werknemer heeft onrechtmatig gehandeld door niet per omgaande de projectinformatie die hij van werkgever had, af te geven toen hij daartoe werd gesommeerd en werd gedagvaard. Schadeberekening door het hof.

Feiten

Bij tussenarrest heeft het hof Synthegra in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over de vraag (a) of en welke bedrijfsinformatie werknemer heeft gewist, (b) welke schade zij heeft geleden doordat werknemer pas in januari 2019 de ontbrekende informatie heeft verstrekt en (c) welke documentatie werknemer heeft bewerkt. Synthegra heeft naar aanleiding van vraag (a) en vraag (c) vermeld dat er geen onderzoek meer valt te plegen. Zij heeft zich beperkt tot het beantwoorden van vraag (b). Dat heeft tot gevolg dat het hof de vordering tot vergoeding van schade als gevolg van het wissen van bedrijfsinformatie en/of als gevolg van het bewerken/manipuleren van informatie, zal afwijzen. Het standpunt van Synthegra ten opzichte van (b) komt er samengevat op neer dat haar schade eruit heeft bestaan dat zij genoodzaakt was om een kort geding tegen werknemer aanhangig te maken omdat hij weigerde projectinformatie af te geven. De schade bestaat volgens Synthegra dus uit de kosten die zijn gemaakt in verband met de procedure in kort geding. Het hof heeft in het tussenarrest overwogen dat het onrechtmatig was van werknemer om niet per omgaande de projectinformatie die hij van Synthegra had, aan Synthegra af te geven toen hij daartoe werd gesommeerd en gedagvaard. Het hof ziet geen aanleiding op die bindende eindbeslissing terug te komen. Dat betekent echter nog niet dat alle door Synthegra genoemde schadeposten voor volledige vergoeding in aanmerking komen.

Oordeel

De gevorderde advocaatkosten wijst het hof af, om twee redenen: (1) de vordering in kort geding was niet beperkt tot het afgeven van bedrijfsgegevens maar ging eerst en vooral ook over het afmaken van de projecten. Synthegra heeft geen uitsplitsing gemaakt in advocaatkosten die betrekking hebben gehad op de eis dat werknemer de projecten moest afmaken en de eis dat hij de bedrijfsgegevens aan Synthegra moest afgeven; en (2) kosten voor het voeren van een procedure worden in beginsel slechts conform het liquidatietarief vergoed. Voor vergoeding van de werkelijk gemaakte kosten geldt een zware maatstaf. Het hof is van oordeel dat daar niet aan is voldaan, althans dat Synthegra te weinig heeft aangevoerd om daarvan uit te kunnen gaan. De buiten rechte gemaakte kosten wijst het hof deels toe, namelijk de tijd die de advocaat na de zitting aan de zaak heeft besteed, die betrekking heeft gehad op de afgifte van informatie. Het hof acht verder aannemelijk dat Synthegra intern tijd heeft moeten besteden aan het verkrijgen van de projectinformatie en dat zij dus intern kosten heeft moeten maken. Het hof acht aannemelijk dat de contactmomenten van de bestuurders met hun advocaat in de maand januari 2019 tussen de zittingsdatum en 28 januari 2019 betrekking hebben gehad op het verkrijgen van de computerbestanden, gelet op de wending die de zaak had genomen tijdens de zitting. Het gaat om 8 uur. Die tijd is in ieder geval toewijsbaar. Verder acht het hof aannemelijk dat de werkzaamheden van de bestuurders zich niet hebben beperkt tot de contacten met hun advocaat over de ontbrekende bedrijfsinformatie, maar dat zij daar ook intern tijd aan hebben besteed. Zij hebben dat echter niet nader toegelicht. Vanwege deze ontbrekende toelichting ziet het hof geen aanleiding om méér toe te wijzen dan ongeveer een uur voor iedere bestuurder. Het hof zal de interne kosten daarom begroten op afgerond 10 uur.