Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Vorm Ontwikkeling B.V.
Gerechtshof Den Haag (Locatie Den Haag), 20 juni 2023
ECLI:NL:GHDHA:2023:1129
De kantonrechter heeft de arbeidsovereenkomst ontbonden vanwege een duurzaam verstoorde arbeidsverhouding en aan werknemer een transitievergoeding toegekend. In hoger beroep verzoekt werknemer herstel van de arbeidsovereenkomst, dan wel in de plaats daarvan toekenning van een billijke vergoeding. Werkgever verzoekt in hoger beroep de toegekende transitievergoeding terug te draaien. Het hof wijst de verzoeken van partijen af.

Feiten

VORM Holding B.V. (hierna: VORM Holding) is een landelijk opererende ontwikkelaar en bouwer van woonhuizen. De activiteiten van VORM Holding zijn ondergebracht in verschillende werkmaatschappijen, waaronder VORM Bouw B.V. (hierna: VORM Bouw), VORM Kopersadvies B.V. (hierna: VORM Kopersadvies) en VORM Ontwikkeling (de vennootschappen tezamen ook wel aangeduid als VORM). Werknemer is sinds 28 september 2016 in dienst bij achtereenvolgens VORM Bouw, VORM Kopersadvies en VORM Ontwikkeling op basis van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd en voor 38,75 uur per week (fulltime). Werknemer was tot 1 januari 2022 kopersadviseur en lid van het leidinggevend team (hierna: LT-lid) van VORM Kopersadvies. Hij is per 1 januari 2022 bij VORM Ontwikkeling in dienst getreden in de functie van junior projectontwikkelaar. In verband daarmee is op 29 november 2021 een nieuwe arbeidsovereenkomst gesloten tussen VORM Ontwikkeling en werknemer. In verband met deze functiewijziging moest werknemer zijn werkzaamheden overdragen aan zijn directe collega.  Daarbij heeft werknemer eind december 2021 per e-mail aangegeven dat hij bepaalde fouten heeft gemaakt tijdens zijn werkzaamheden bij VORM Kopersadvies. Een gesprek volgt waarna VORM per brief - voorzien van een vaststellingsovereenkomst - laat weten de samenwerking te willen beëindigen. Een minnelijke regeling komt niet tot stand, waarna de kantonrechter ontbindt op grond van een duurzaam verstoorde arbeidsverhouding en een transitievergoeding van € 12.664,40 toekent. In principaal hoger beroep verzoekt werknemer om VORM Ontwikkeling te veroordelen tot betaling van een billijke vergoeding van € 66.755,13 bruto, dan wel een ander in goede justitie te bepalen bedrag, onder verschaffing van een deugdelijke bruto/nettospecificatie en VORM Ontwikkeling te veroordelen in de proceskosten van beide instanties. VORM verzoekt in incidenteel hoger beroep (a) de bestreden beschikking te vernietigen, uitsluitend voor zover dit de toekenning van de transitievergoeding betreft en te bepalen dat werknemer geen recht heeft op een transitievergoeding, (b) werknemer te veroordelen de aan hem betaalde transitievergoeding terug te betalen en (c) werknemer te veroordelen het onverschuldigd betaalde loon over de maand juni 2022 terug te betalen. 

Oordeel

Met haar incidentele grief 1 komt VORM Ontwikkeling op tegen het oordeel van de kantonrechter dat de handelwijze van werknemer tegen VORM Kopersadvies geen reden kan opleveren om de arbeidsovereenkomst met VORM Ontwikkeling te ontbinden. Deze grief faalt. Het hof is net als de kantonrechter van oordeel dat het handelen van werknemer ten tijde van zijn dienstverband bij VORM Kopersadvies geen reden kan opleveren om de arbeidsovereenkomst met VORM Ontwikkeling te ontbinden op de e- grond. Met de principale grieven 2 en 4 betoogt werknemer dat van VORM Ontwikkeling gevergd kon worden de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. De kantonrechter heeft volgens werknemer onvoldoende gemotiveerd waarom er sprake zou zijn van een ernstig en duurzaam verstoorde arbeidsrelatie, zodanig dat van VORM Ontwikkeling niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. Deze grieven falen. Het hof is evenals de kantonrechter van oordeel dat sprake is van de g- grond. Het hof neemt als vaststaand aan dat het gaat om een groot aantal serieuze fouten van werknemer, met mogelijk aanzienlijke schade als gevolg. Het hof acht voldoende aannemelijk geworden dat het niet uit eigen beweging melden van die fouten, het vertrouwen in werknemer ernstig heeft geschaad en daarmee de arbeidsverhouding tussen partijen ernstig heeft verstoord, zodanig dat van VORM Ontwikkeling niet gevergd kan worden dat zij de arbeidsovereenkomst met werknemer voortzet (de g-grond). Anders dan werknemer betoogt, betekent het feit dat dit alles zich heeft afgespeeld binnen VORM Kopersadvies, niet dat VORM Ontwikkeling geen beroep toekomt op de g-grond. Niet in geschil is dat de verschillende werkmaatschappijen van VORM gelieerd zijn aan elkaar. VORM Ontwikkeling heeft gesteld dat de vennootschappen heel nauw samenwerken. Met de principale grief 3 betoogt werknemer dat VORM Ontwikkeling niet aan haar herplaatsingsverplichting heeft voldaan, terwijl herplaatsing wel in de rede ligt. Hij had bij een andere vennootschap kunnen worden herplaatst. De arbeidsovereenkomst had dus niet ontbonden mogen worden. Deze grief faalt. Aangezien is vastgesteld dat de VORM-vennootschappen nauw met elkaar verweven zijn, staat de ernstige en duurzame vertrouwensbreuk aan herplaatsing in de groep in de weg. Met de principale grief 5 betoogt werknemer dat het eindigen van de arbeidsovereenkomst het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen en/of nalaten van VORM Ontwikkeling, zodat hij recht heeft op een billijke vergoeding. De tegenpool van deze grief is de incidentele grief 2 waarmee VORM Ontwikkeling betoogt dat sprake is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van werknemer zodat er geen opzegtermijn in acht had moeten worden genomen bij het bepalen van de ontbindingsdatum, er geen loon over de maand juni 2022 was verschuldigd en ten onrechte aan werknemer een transitievergoeding is toegekend. Grief 5 van werknemer faalt omdat VORM Ontwikkeling niet ernstig verwijtbaar heeft gehandeld. Ook grief 2 van VORM Ontwikkeling faalt omdat alleen in uitzonderlijk zwaarwegende gevallen sprake is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van een werknemer en dat doet zich naar het oordeel van het hof niet voor. De beschikking van de kantonrechter wordt bekrachtigd.