Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Polderpoort Exploitatiemaatschappij B.V.
Rechtbank Rotterdam (Locatie Rotterdam), 27 september 2023
ECLI:NL:RBROT:2023:9003
Ontslag op staande voet wegens seksueel grensoverschrijdend gedrag en verdenking van een strafbaar feit houdt geen stand. Berusting in ontslag. Gefixeerde schadevergoeding, transitievergoeding en billijke vergoeding.

Feiten

Werknemer is op 1 januari 2011 bij Polderpoort Exploitatiemaatschappij B.V. (hierna: Polderpoort) in dienst getreden en werkzaam in de functie van fitnessinstructeur, tegen een salaris van € 2.132,81 bruto per maand, exclusief emolumenten. Polderpoort exploiteert een sportcentrum. In de vroege ochtend van 6 juni 2023 is werknemer door een arrestatieteam in zijn woning aangehouden en meegenomen voor verhoor. Vervolgens heeft zijn partner Polderpoort gebeld en gezegd dat werknemer ziek was en daarom niet kon werken. Later die ochtend heeft Polderpoort vernomen dat werknemer was aangehouden. In de middag van 6 juni 2023 is de operationeel directeur bij Polderpoort gehoord door de politie en kwam hem ter ore dat er aangifte was gedaan tegen werknemer door een (voormalige) klant van Polderpoort. Polderpoort heeft de salarisbetaling van werknemer per 6 juni 2023 stopgezet. Op 8 juni 2023 werd Polderpoort geconfronteerd met een nieuwsartikel, met daarin vermeld dat zes verdachten zijn aangehouden vanwege misbruik en seksuele uitbuiting van een 22-jarige vrouw. Op 12 juni 2023 vindt er een gesprek bij Polderpoort plaats waarin werknemer op de vraag of hij onschuldig was reageerde met de opmerking dat hij van zijn advocaat niets mocht zeggen. Werknemer is na afloop van het gesprek op non-actief gesteld. Op 14 juni 2023 bericht Polderpoort bij brief werknemer op staande voet te ontslaan, tenzij hij het in de brief geformuleerde voorstel zou accepteren. In die brief wordt ook melding gemaakt van het feit dat werknemer destijds personal coach was van het slachtoffer dat lid was van Polderpoort en dat hij toen een mondelinge klacht heeft gekregen over de wijze waarop hij omging met minderjarige meisjes. Werknemer stemt niet in met het voorstel van Polderpoort, waarna op 21 juni 2023 het ontslag op staande voet wordt bevestigd. Werknemer heeft per 9 juli 2023 een andere baan op basis van een bepaaldetijdovereenkomst. Werknemer berust in het ontslag op staande voet en verzoekt een billijke vergoeding (€ 29.157), gefixeerde schadevergoeding (€ 9.071,29) en een transitievergoeding (€ 10.103,31). Polderpoort verzoekt bij zelfstandig tegenverzoek betaling van de gefixeerde schadevergoeding.

Oordeel

In deze procedure staat naar het oordeel van de kantonrechter niet de vraag centraal of Polderpoort het recht had om afscheid te nemen van werknemer, maar of Polderpoort het recht had om op deze wijze, namelijk door hem op staande voet te ontslaan, afscheid te nemen van werknemer.

Ontslag op staande voet is niet rechtsgeldig gegeven

De kantonrechter oordeelt dat de feiten en omstandigheden die Polderpoort in haar brief van 14 juni 2023 heeft genoemd, geen dringende reden zijn in de zin van artikel 7:678 lid 1 BW; ook niet als zij in onderlinge samenhang worden beschouwd. Dat de partner van werknemer hem heeft ziekgemeld in plaats van direct openheid van zaken te geven, kan haar gelet op de impact van een dergelijke arrestatie echter moeilijk worden aangerekend, laat staan dat dat werknemer kan worden aangerekend. Daarbij komt nog dat Polderpoort er al diezelfde dag van op de hoogte was dat werknemer was aangehouden en zij vanaf 6 juni 2023 geen salaris meer heeft uitbetaald. Polderpoort heeft in zoverre dus geen schade geleden.

(Seksueel) grensoverschrijdend gedrag op de werkvloer

Volgens Polderpoort heeft werknemer zich (seksueel) grensoverschrijdend gedragen op de werkvloer. In haar brief van 14 juni 2023 heeft Polderpoort die stelling geconcretiseerd door te verwijzen naar klachten over werknemer uit 2017. Dat ging over klachten over de omgang van werknemer met een destijds minderjarig meisje. Dat meisje (inmiddels een meerderjarige vrouw) is degene die de aangifte heeft gedaan die tot de arrestatie van werknemer heeft geleid. Omdat Polderpoort in haar brief van 14 juni 2023 geen andere feiten heeft vermeld die tot de conclusie kunnen leiden dat werknemer zich (seksueel) grensoverschrijdend heeft gedragen, is van een dringende reden geen sprake. Ook de door Polderpoort overgelegde verklaringen van drie vrouwen die verklaren dat werknemer zich tijdens dan wel na werktijd (seksueel) grensoverschrijdend heeft gedragen bieden geen soelaas. Het had op de weg van Polderpoort gelegen om werknemer de feiten uit die verklaringen vóór het ontslag voor te houden, zodat hij daar deugdelijk op kon reageren. Niet gesteld of gebleken is dat Polderpoort dat heeft gedaan.

Verdachte in een zedenzaak en inzet arrestatieteam

De verdenking van een strafbaar feit levert op zichzelf geen dringende reden op. Daarvoor zijn bijkomende omstandigheden nodig en daarvan is naar het oordeel van de kantonrechter niet gebleken. Werknemer heeft terecht opgemerkt dat de inzet van een arrestatieteam een beleidskeuze is van de politie en geen daad, eigenschap of gedraging van werknemer in de zin van artikel 7:678 lid 1 BW. Reeds daarom levert dit geen dringende reden op.

Vergoeding wegens onregelmatige opzegging, transitievergoeding en billijke vergoeding

Polderpoort wordt veroordeeld tot betaling van de gefixeerde schadevergoeding (€ 8.018,37), de transitievergoeding ( € 10.103,31) en een billijke vergoeding (€ 5.000). Ten aanzien van de hoogte van de billijke vergoeding acht de kantonrechter het aannemelijk dat hoe dan ook binnen afzienbare tijd een einde was gekomen aan de arbeidsovereenkomst. Polderpoort heeft toegelicht dat de positie van werknemer door de verdenking onhoudbaar was geworden en dat continuering van de arbeidsovereenkomst zelfs tot gevaarlijke situaties zou hebben geleid. Ook heeft een rol gespeeld dat werknemer een nieuwe baan heeft.