Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant (Locatie Bergen op Zoom), 5 april 2024
ECLI:NL:RBZWB:2024:2516
Feiten
Ice Cold Storage Holding B.V. (hierna: ICSH) is een dochtervennootschap van Lineage Dutch Coöperatief. Werknemer is op 1 februari 2017 in dienst getreden bij ICSH, en is laatselijk werkzaam in de functie Regional Vice-President of Operations Benelux (RVP Operations). In deze functie was werknemer verantwoordelijk voor (het toezicht op) de operationele activiteiten op de tien locaties van Lineage in Nederland en Belgie. Op vrijdag 29 september 2023 heeft de vestiging van Lineage in Gameren een telefonische melding ontvangen van X, statutair bestuurder van een transportbedrijf dat sinds 2022 op opdrachtbasis transportdiensten verleende aan Lineage Gameren. De melding hield in dat er een betalingsafspraak tussen dit transportbedrijf en werknemer bestond, inhoudende dat het transportbedrijf € 0,05 per voor Lineage Gameren gereden kilometer aan werknemer betaalde, in ruil voor het toekennen en/of behouden van werkopdrachten van Lineage Gameren. Ter onderbouwing van de melding heeft X screenshots van Whatsapp-berichten met Lineage Gameren gedeeld. Op 9 oktober 2023 hebben twee statutair bestuurders van ICSH, met X en werknemer afzonderlijk gesprekken gevoerd. Tijdens het gesprek heeft X de betalingsafspraak bevestigd. Werknemer is na zijn gesprek met onmiddellijke ingang geschorst voor de verdere duur van het onderzoek en is daarbij in de gelegenheid gesteld om zijn stellingen te onderbouwen met onderliggende documentatie. Bij brief van 16 oktober 2023 hebben voornoemde statutair bestuurders de arbeidsovereenkomst met werknemer vanwege dringende redenen met onmiddellijke ingang opgezegd. Werknemer verzoekt om een billijke vergoeding van € 1.368.662,16 bruto, een transitievergoeding van € 43.356,35 bruto, een onregelmatige opzeggingsvergoeding van € 39.044,32, een bonus van € 63.431,00 bruto en ICSH te veroordelen tot terugbetaling van € 21.651,72 bruto aan ingehouden gefixeerde schadevergoeding op de eindafrekening.
Oordeel
De kantonrechter oordeelt als volgt. Het onderzoek heeft 14 dagen geduurd, waarin ook twee weekenden zijn gelegen. Deze termijn van 14 dagen was onder meer nodig vanwege de tijd die nodig was om de berichten te vertalen. Dat is geen ongebruikelijk lange termijn voor het onderzoek. ICSH heeft daarmee voortvarend gehandeld en zij heeft het ontslag daarmee onverwijld gegeven. Ter onderbouwing van de dringende reden heeft ICSH een aantal (naar het Engels vertaalde) WhatsApp-conversaties tussen X en werknemer overgelegd. De inhoud wijst erop dat inderdaad sprake is geweest van een betalingsafspraak, zoals door ICSH gesteld. De verklaringen die werknemer voor de inhoud van de hiervoor aangehaalde gesprekken heeft gegeven, komen niet geloofwaardig en weinig aannemelijk over. Ook in deze procedure komt werknemer niet met een voldoende adequaat verhaal om de stellingen van ICHS te ontzenuwen. Gelet op al het hiervoor overwogene is de kantonrechter van oordeel dat voorshands voldoende bewezen is dat tussen transportbedrijf en werknemer een (heimelijke) betalingsafspraak heeft bestaan. Nu werknemer zowel in zijn verzoekschrift als ter zitting zijn stelling dat de betalingsafspraken tussen hem en X zagen op andere zaken, zoals het voldoen van een huurachterstand, uitdrukkelijk heeft gehandhaafd, zal hij in de gelegenheid worden gesteld tegenbewijs te leveren. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.