Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/werkgeefster
Rechtbank Oost-Brabant (Locatie 's-Hertogenbosch), 13 februari 2025
ECLI:NL:RBOBR:2025:690
Toewijzing verklaring voor recht voortduren arbeidsovereenkomst; geen (voorwaardelijk) ontslag op staande voet.

Feiten

Werknemer trad op 1 januari 2012 in dienst bij ABC als monteur zonnepanelen. In 2022 wijzigde zijn arbeidsduur tijdelijk, maar hij keerde per 1 september terug naar 38 uur per week. Op 11 juni 2023 meldde hij zich ziek wegens een gebroken hand. De bedrijfsarts oordeelde dat hij arbeidsongeschikt was en adviseerde overbelasting te vermijden. Op 10 juli meldde werknemer zich opnieuw ziek na een mislukt overleg met HR over re-integratie. ABC haalde die dag de bedrijfsbus in. De bedrijfsarts concludeerde op 16 juli dat de ziekmelding deels arbeidsconflicten betrof en adviseerde mediation. Gesprekken met een bemiddelaar volgden in juli en augustus, waarbij ABC een loonstop aankondigde en een beëindiging met wederzijds goedvinden besprak. Werknemer betwistte dit en schakelde een advocaat in, die wees op een recht op transitievergoeding. In oktober riep ABC hem op het werk te hervatten en dreigde met ontslag. Mediation werd opgestart maar later beëindigd. Op 7 december 2023 meldde werknemer zich opnieuw ziek. De bedrijfsarts stelde vast dat hij volledig arbeidsongeschikt was. Het UWV bevestigde op 12 februari 2024 dat hij zijn werk niet kon verrichten en wees later zijn Ziektewetuitkering af, omdat ABC loon moest doorbetalen. ABC wisselde van arbodienst maar informeerde werknemer hier niet over, ondanks herhaalde verzoeken. In conventie vordert werknemer dat het dienstverband met ABC voortduurt en dat ABC achterstallig salaris van € 57.140,23 bruto (1 augustus 2023 - 31 december 2024) betaalt alsmede doorbetaling van salaris van € 3.288,15 bruto per maand vanaf 1 januari 2025, vermeerderd met wettelijke verhoging en rente. Tevens vordert hij naleving van re-integratieverplichtingen en betaling van de proceskosten. In reconventie vordert ABC betaling van € 10.381 door werknemer, vermeerderd met rente en proceskosten. Werknemer heeft verweer gevoerd tegen beide vorderingen.

Oordeel

Ontslag op staande voet bij voorbaat

ABC heeft aangevoerd dat werknemer op 16 oktober 2023 werd geïnformeerd dat hij op 19 oktober 2023 ontslagen zou worden als hij niet op het werk zou verschijnen. ABC meende dat het ontslag op staande voet geldig was, omdat werknemer niet op het werk verscheen en geen bezwaar had gemaakt tegen de inhoud van de mededeling. Werknemer betwist echter dat er sprake was van ontslag op staande voet en stelt dat alleen een voornemen is geuit. Gelet op de grote (financiële) gevolgen van een ontslag op staande voet en de daaraan verbonden vervaltermijn voor het indienen van een verzoek tot vernietiging van het ontslag op staande voet is het, ter bescherming van de werknemer, van belang dat een ontslag op staande voet op een voor de werknemer duidelijke en ondubbelzinnige wijze wordt gegeven, zodat voor de werknemer helder is dat er sprake is van een (bij voorbaat aangezegd) ontslag op staande voet. Eventuele onduidelijkheid daarover mag niet in nadeel van de werknemer werken. Van een bij voorbaat aangezegd ontslag op staande voet is dus geen sprake. ABC heeft het ontslag op of na 19 oktober 2023 ook niet apart aangezegd. Dit betekent dat de arbeidsovereenkomst niet is geëindigd door een ontslag op staande voet en nog altijd doorloopt.

Loondoorbetaling?

Dan de vraag of ABC verplicht is om het loon vanaf 1 augustus 2023 door te betalen. Werknemer heeft gesteld dat hij recht heeft op loondoorbetaling omdat er sprake was van een arbeidsconflict, dat werd gekarakteriseerd als "situatieve arbeidsongeschiktheid". ABC stelde dat de loonstop gerechtvaardigd was, omdat werknemer weigerde zijn werkzaamheden te hervatten. De kantonrechter oordeelt echter dat werknemer het loon toch doorbetaald moet krijgen, omdat ABC onvoldoende heeft aangetoond dat het niet hervatten van de werkzaamheden volledig aan werknemer te wijten was. Er was een conflict, en werknemer heeft zijn medewerking verleend aan mediation. De loonstop was daarmee onterecht.

Reconventie

In reconventie heeft ABC vorderingen ingesteld tegen werknemer, waarbij zij stelt dat werknemer onterecht facturen heeft ingediend voor werkzaamheden die hij in loondienst bij ABC had moeten verrichten. Deze facturen werden betaald, maar ABC vordert het bedrag van de facturen terug, omdat de betalingen volgens haar zonder rechtsgrond waren. Werknemer verdedigt zich door te stellen dat er afspraken waren over het factureren van bepaalde werkzaamheden via zijn eigen bedrijf, namelijk het installeren van laadpalen, waarvoor hij een vergoeding zou ontvangen. ABC heeft volstaan met de algemene stelling dat het verweer van werknemer wordt betwist. Daarmee heeft ABC haar stelling dat onverschuldigd is betaald onvoldoende onderbouwd en komt de kantonrechter niet toe aan bewijslevering. De vordering van ABC zal worden afgewezen.