Naar boven ↑

Rechtspraak

werkneemster/Samsung Electronics Air Conditioner Europe B.V.
Hoge Raad, 28 maart 2025
ECLI:NL:HR:2025:480
Werkgever niet aansprakelijk voor burn-out werkneemster na stevige zakelijke meningsverschillen in de rapportagelijn. Uitleg arbeidsrechtelijke omkeringsregel bij psychisch letsel.

Feiten

Werkneemster is op 15 september 2017 in dienst getreden van Samsung Electronics Air Conditioner Europe B.V. (hierna: Samsung) in de functie van 'head of product management'. Samsung heeft een gedragscode gericht op een veilige werkomgeving alsook een klachtenprocedure. In 2018 is werkneemster meermaals aangesproken op haar aanvallende communicatiestijl en is zij met klem verzocht daarin verandering te brengen. Tot 1 februari 2019 rapporteerde werkneemster aan A, de ceo, maar daarna moest zij in verband met de functiewijziging van A aan B, de VP, rapporteren. Hoewel de rapportagelijnwijziging meermaals tussen B en werkneemster is besproken, heeft zij even zo vaak bezwaar daartegen gemaakt. Vervolgens heeft werkneemster een klacht tegen B ingediend. Volgens werkneemster heeft B haar geïntimideerd en pestgedrag vertoond. Nadat HR de verschillende procedures met werkneemster heeft besproken, is het formele klachttraject in gang gezet. Werkneemster is gehoord en heeft zes incidenten met B gemeld. Begin 2019 heeft A werkneemster bericht dat, omdat de incidenten bestaan uit zakelijke meningsverschillen, de rapportagelijnwijziging die week aan de organisatie gecommuniceerd zou worden. Werkneemster heeft zich daarna ziekgemeld. Vervolgens is werkneemster meermaals verzocht haar approvals door (te laten) sturen. Volgens werkneemster is hier wederom sprake van grensoverschrijdend gedrag. Tussen partijen heeft nog even discussie bestaan over door welke arts werkneemster moest worden gezien, maar Samsung heeft uiteindelijk erkend dat het de Belgische arbodienst moest zijn.

Werkneemster stelt dat zij een burn-out en depressie heeft gekregen door de werkomstandigheden bij Samsung, haar voormalige werkgeefster. Die zouden eruit hebben bestaan dat zij door haar manager is gepest, vernederd en geïntimideerd, dat het onderzoek over haar klacht daarover onzorgvuldig is uitgevoerd, en dat Samsung niet goed is omgegaan met haar arbeidsongeschiktheid. In deze procedure stelt werkneemster Samsung aansprakelijk voor de als gevolg daarvan door haar geleden en nog te lijden schade. Het hof heeft, evenals de rechtbank, de vorderingen afgewezen. Het hof heeft geoordeeld dat niet is komen vast te staan dat werkneemster werkzaamheden heeft moeten verrichten onder omstandigheden die schadelijk waren voor haar gezondheid, dat Samsung bij gebreke van dergelijke schadelijke werkomstandigheden haar zorgplicht dienaangaande ook niet heeft geschonden, en dat Samsung ook overigens haar zorgplicht jegens werkneemster niet heeft geschonden. In cassatie klaagt werkneemster dat het hof het beoordelingskader van artikel 7:658 BW heeft miskend, althans dat het hof op onjuiste dan wel onbegrijpelijke wijze toepassing heeft gegeven aan de zgn. ‘arbeidsrechtelijke omkeringsregel’. Volgens het middel heeft het hof verder nagelaten te beoordelen of de door werkneemster aangevoerde schadelijke werkomstandigheden in onderling verband en samenhang bezien maken dat sprake is van een zorgplichtschending door Samsung, dan wel dat Samsung in strijd met goed werkgeverschap of onrechtmatig heeft gehandeld.

Conclusie A-G Lindenbergh

Bij psychisch letsel, waaronder burn-out en depressie, zijn kwesties van causaliteit en zorgplicht van de werkgever nauw met elkaar verweven. Deze verwevenheid brengt mee dat de werknemer gemotiveerd dient te stellen dat zijn werkomstandigheden zodanig waren dat aannemelijk is dat de oorzaak van de burn-out daarin kan worden gevonden. In deze zaak heeft werkneemster omtrent haar werkomstandigheden bij Samsung uitvoerig stellingen ingenomen. Het hof heeft, evenals de rechtbank, geoordeeld dat de door werkneemster genoemde zes interacties met B niet kwalificeren als schadelijke werkomstandigheden voor werkneemster (concreter: de incidenten kunnen niet worden beschouwd als intimidatie, vernederingen en pesterijen in objectieve zin), en dat hetzelfde geldt voor de wijze waarop Samsung met de klacht van werkneemster en met haar arbeidsongeschiktheid is omgegaan. Herhaald zij dat de afzonderlijke oordelen, die nauw zijn verweven met waarderingen van feitelijke aard, in cassatie inhoudelijk niet worden bestreden. Het hof heeft  geconcludeerd (i) dat niet is komen vast te staan dat werkneemster werkzaamheden heeft moeten verrichten onder omstandigheden die schadelijk waren voor haar gezondheid, en (ii) dat Samsung bij gebreke van dergelijke schadelijke werkomstandigheden haar zorgplicht dienaangaande ook niet heeft geschonden. In het licht van het voorgaande kan niet worden gezegd dat deze oordelen onjuist zijn. Het bestreden oordeel dat het aan werkneemster is om feiten en omstandigheden te stellen en zo nodig te bewijzen, waaruit volgt dat Samsung een of meer normen van artikel 7:658 lid 1 BW heeft geschonden, moet niet op zichzelf worden gelezen, maar in nauwe samenhang met het direct aan dit oordeel voorafgaande oordeel dat het aan werkneemster is om feiten en omstandigheden te stellen, en zo nodig te bewijzen, waaruit volgt dat zij heeft gewerkt onder voor de gezondheid schadelijke omstandigheden. Het woord “(dus)” duidt hier ook op. Tot slot zij opgemerkt dat het hof in de laatste zin van r.o. 4.3 heeft geoordeeld dat artikel 7:658 lid 2 BW verder meebrengt dat de werkgever niet aansprakelijk is indien hij aantoont dat hij genoemde zorgplicht – te doen wat redelijkerwijs nodig is om te voorkomen dat de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden schade lijdt – is nagekomen. Het hof heeft aldus niet tot uitgangspunt genomen dat ter zake op werkneemster de stelplicht en bewijslast rust.

Herhaald zij dat bij psychische aandoeningen kwesties van causaliteit en zorgplicht van de werkgever nauw met elkaar zijn verweven en dat de werknemer daarom gemotiveerd moet stellen dat zijn werkomstandigheden zodanig waren dat aannemelijk is dat de oorzaak van bijvoorbeeld een burn-out of depressie daarin kan worden gevonden. Het hof heeft na uitvoerige beoordeling van alle stellingen die werkneemster heeft aangevoerd in het kader van haar betoog dat Samsung jegens haar aansprakelijk is op grond van artikel 7:658 BW  geconcludeerd dat niet is komen vast te staan dat werkneemster werkzaamheden heeft moeten verrichten onder omstandigheden die schadelijk waren voor haar gezondheid (en dat Samsung bij gebreke van dergelijke schadelijke werkomstandigheden haar zorgplicht dienaangaande ook niet heeft geschonden). In dit oordeel en de daaraan voorafgaande overwegingen ligt onmiskenbaar tevens het oordeel besloten dat de door werkneemster gestelde werkomstandigheden redelijkerwijs ook niet schadelijk kunnen zijn. De rechtsklacht faalt derhalve.

Oordeel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).