Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam, 28 juli 2010
ECLI:NL:RBROT:2010:BN8800
Hage International/werknemers en Hillfresh BV
Hagé is een familiebedrijf dat zich bezighoudt met de import en export van aardappelen, groente en fruit. In 1998 heeft The Greenery de aandelen in Hagé gekocht. De neef van de oorspronkelijke directeur, is tot 2007 commercieel directeur geweest van Hagé. In 2007 deelt hij mede dat hij zijn eigen onderneming gaat starten, waarna hij onmiddellijk op non-actief is gesteld. Uiteindelijk nemen zes 'key persons' in 2007 ontslag en treden in dienst van Hillfresh, een concurrent van Hagé. Tot ongeveer eind juli 2007 hebben ook negentien andere personeelsleden van Hagé hun dienstverband opgezegd om vervolgens bij Hillfresh in dienst te treden. Dit betrof het volledige commerciële kernteam van Hagé en alle loodsvoormannen. Uiteindelijk zijn in totaal ongeveer 50 personeelsleden van Hagé naar Hillfresh overgestapt. Dit betreft bijna de helft van het totale personeelsbestand van Hagé. Ongeveer 23 leveranciers van Hagé zijn na de start van Hillfresh aan Hillfresh in plaats van Hagé gaan leveren. Ongeveer 49 leveranciers zijn naast aan Hagé ook aan Hillfresh gaan leveren. Ongeveer 49 leveranciers zijn (alleen) aan Hagé blijven leveren. Volgens Hagé is sprake van onrechtmatige concurrentie en profiteert Hillfresh van de wanprestatie van de ex-werknemers van Hagé.
De rechtbank oordeelt als volgt. De start van Hillfresh in september 2007, waarbij onder meer sprake is geweest van overstap van personeel en leveranciers, heeft onmiskenbaar grote gevolgen gehad voor de bedrijfsvoering van Hagé. Dit betekent op zichzelf echter nog niet dat er sprake is van onrechtmatige concurrentie zoals door Hagé gesteld. Voorop dient immers te worden gesteld dat het Hillfresh en haar bestuurders - die niet zijn gebonden aan een concurrentiebeding - in beginsel vrij staat met Hagé in concurrentie te treden. Dit is slechts anders, vanwege de vrijheid die een ieder toekomt om zich op de arbeids- en ondernemersmarkt te bewegen, indien sprake is van bijkomende omstandigheden. Van onrechtmatige concurrentie door voormalige werknemers is sprake indien op stelselmatige en substantiële wijze het duurzaam bedrijfsdebiet van de ex-werkgever wordt afgebroken door deze klanten, leveranciers of personeelsleden af te nemen met behulp van kennis en gegevens die in de vorige dienstbetrekking zijn verkregen. Ook andere bijzondere omstandigheden, zoals misbruik van bedrijfsgeheimen, concurrentie tijdens dienstverband of het doen van schadende mededelingen over de voormalige werkgever, kunnen leiden tot de conclusie dat sprake is van onrechtmatig handelen. In casu is daarvan geen sprake, zodat de vorderingen worden afgewezen.