Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Sparkoptimus BV
Rechtbank Amsterdam, 11 mei 2012
ECLI:NL:RBAMS:2012:BW6495

werknemer/Sparkoptimus BV

Voorstel werkgever op grond waarvan werknemer voor drie maanden uit dienst treedt, een WW-uitkering aanvraagt en werkgever het inkomensverlies compenseert om op die manier de ketenregeling te ontduiken, is onaanvaardbaar. Conversie arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd

Werknemer is op 7 oktober 2010 voor de bepaalde tijd van zes maanden in dienst van Sparkoptimus getreden in de functie van consultant. Aansluitend is de arbeidsovereenkomst tussen partijen tweemaal verlengd. Tussen partijen is in geschil of een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is ontstaan. Werknemer heeft een gespreksopname waaruit blijkt Sparkoptimus hem rond de einddatum van de derde arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd heeft voorgesteld voor een periode van drie maanden uit dienst te gaan en een WW-uitkering aan te vragen, waarbij Sparkoptimus het samenhangende verlies van inkomsten nadien zou compenseren. Werknemer stelt dat sprake is van ongeoorloofde ontduiking van artikel 7:668a BW en dat een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is ontstaan.

De kantonrechter oordeelt als volgt. De systematiek van artikel 7:668a BW geeft de werkgever flexibiliteit bij het aangaan van arbeidsovereenkomsten. Aan het einde van de derde periode dient hij echter een heldere keuze te maken: hetzij hij gaat een dienstverband voor onbepaalde duur aan, hetzij het dienstverband eindigt van rechtswege, met de kans dat de werknemer elders zijn heil zoekt. In het – door haarzelf geïnitieerde – voorstel heeft Sparkoptimus getracht voor haar nadelige gevolgen van die keuze uit de weg te gaan. Sparkoptimus heeft hiermee naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onredelijk gehandeld. Tussen partijen is een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd ontstaan. Volgt toewijzing van de loonvordering.