Naar boven ↑

Rechtspraak

Kern

Werknemer (49 jaar) is op 1 januari 2002 bij ( de rechtsvoorgangster van) Spaarnelanden in dienst getreden in de functie van allround medewerker (chauffeur/belader). Op 23 november 2006 heeft werknemer een operatie aan de rechter knie ondergaan. Hij is tot maart 2007 volledig arbeidsongeschikt geweest, waarna hij zijn werkzaamheden op arbeidstherapeutische basis voor halve dagen heeft hervat. Nadien is werknemer nogmaals uitgevallen wegens - onder meer - knieklachten. Thans verzoekt werkgever ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van een dringende reden omdat werknemer in strijd met de verzuimregeling bij Spaarnelanden heeft gehandeld en zodoende zijn herstel heeft belemmerd.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Vast staat dat werknemer op grond van het Verzuimreglement aan Spaarnelanden toestemming had dienen te vragen voor activiteiten die zijn genezing zouden kunnen belemmeren. Het had werknemer duidelijk kunnen en moeten zijn dat deelname aan de Dam tot Damloop tot zulke activiteiten gerekend kan worden, juist omdat zijn arbeidsongeschiktheid verband houdt met knieklachten, waarvoor hij recentelijk (6 juni 2007) voor de tweede maal was geopereerd. Het behoeft immers geen betoog dat deelname aan een duurloop een belasting vormt voor het bewegingsapparaat en met name de knieën. Het was dus niet aan werknemer zelf, maar aan de bedrijfsarts, om te beslissen of deelname (op dat moment) verantwoord was. De door werknemer overgelegde verklaring van zijn fysiotherapeut van 24 september 2008, waarin deze verklaart: “De Dam tot Dam loop heeft geen invloed gehad op het herstel van zijn knie” kan daaraan niet afdoen. Door zonder vooraf toestemming aan Spaarnelanden te hebben gevraagd, deel te nemen aan de Dam tot Damloop, heeft werknemer de op hem rustende re-integratieverplichtingen, waaronder zijn informatieplicht, zodanig veronachtzaamd, dat dit de ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van een dringende reden, zonder toekenning van een vergoeding, rechtvaardigt.