Naar boven ↑

Rechtspraak

Kern

Werknemer (43 jaar) is op 13 augustus 2001 bij Krohne in dienst getreden, laatstelijk in de functie van spuiter. Op 12 september 2008 heeft werknemer een collega werkneemster op de billen geslagen bij het verlaten van het rookhok. Dit incident is onder meer aanleiding geweest voor Krohne om werknemer op staande voet te ontslaan. Op 18 september 2008 heeft werknemer de nietigheid van het ontslag ingeroepen. Thans verzoekt Krohne voorwaardelijke ontbinding van de arbeidsovereenkomst.

De kantonrechter oordeelt als volgt. De klap is ongepast en laakbaar, maar er is niet gebleken van enige seksuele lading van de klap. Het feit dat medewerkster heftig op de klap heeft gereageerd, kennelijk omdat zij in het verleden het een en ander heeft meegemaakt, was voor werknemer niet te voorzien en kan hem derhalve niet worden tegengeworpen. Het geven van een klap als de onderhavige, ook al is dat overtreding van een huisregel, levert op zichzelf beschouwd in beginsel geen dringende reden op, tenzij (eerdere) omstandigheden dit anders maken. Hiervan is niet gebleken.

Omdat de werkgever heeft aangegeven de werknemer niet terug te willen nemen in de onderneming, acht de kantonrechter wel sprake van een verandering in de omstandigheden. Deze komt echter geheel voor risico van de werkgever. Vergoeding conform kantonrechtersformule met C=1.