Rechtspraak
Telrol B.V./werknemer
Werknemer is sinds oktober 2006 in dienst van Telrol als productiemedewerker. Op 24 juli 2008 is werknemer op staande voet ontslagen wegens ongeoorloofde afwezigheid. Op 28 juli 2008 heeft een gesprek met de directeur van Telrol plaatsgevonden, waarbij is afgesproken dat werknemer weer aan het werk zou kunnen gaan als hij twee waarschuwingen zou ondertekenen. De raadsman van werknemer heeft op 29 juli 2008 de nietigheid van het ontslag op staande voet ingeroepen. De afspraak met werknemer dat hij weer op het werk mocht verschijnen is op 30 juli 2008 door Telrol bevestigd. Bij faxbericht later die dag heeft de raadsman van werknemer aan Telrol bericht dat werknemer zich toch bij de beëindiging van het dienstverband neerlegt. Werknemer vordert schadevergoeding wegens onregelmatige opzegging. Centrale vraag in de procedure is of werknemer op 30 juli 2008 nog kon terugkomen op het inroepen van de nietigheid van het ontslag op staande voet en, door het hanteren van de 'switch', kon kiezen voor een vordering wegens onregelmatig ontslag.
Het hof oordeelt als volgt. Blijkens de tekst van het faxbericht van de raadsman van werknemer van 30 juli 2008, heeft werknemer uit het eerder op die dag door Telrol verzonden faxbericht begrepen dat Telrol zich verenigde met het standpunt van werknemer dat geen sprake was van een dringende reden en dat zij werknemer in staat stelde om zijn arbeid te hervatten. Telrol was aldus in de ogen van werknemer volledig tegemoet gekomen aan de sommatie van werknemer zoals verwoord in de brief van 29 juli 2008, doordat Telrol terugkwam op het ontslag op staande voet en werknemer toeliet tot het werk. Gelet op die sommatie van 29 juli 2008, een dag later gevolgd door de door werknemer ook als zodanig begrepen intrekking van het ontslag op staande voet, moet naar het oordeel van het hof de intrekking van het ontslag op staande voet geacht worden op voorhand de instemming van werknemer te hebben en was van een beëindiging van het dienstverband geen sprake (meer) op het moment dat werknemer daags na de sommatie daartoe van de intrekking van het ontslag op staande voet kennis nam. Aldus stond voor werknemer op dat moment ook niet meer de mogelijkheid open om zich bij de beëindiging van het dienstverband neer te leggen. Vanaf 29 juli 2008 heeft werknemer besloten niet meer voor Telrol te willen werken. Omdat werknemer sindsdien niet bereid was de bedongen arbeid te verrichten, kan werknemer geen aanspraak maken op loon. Volgt vernietiging van het vonnis van de kantonrechter.