Rechtspraak
Rechtbank Oost-Brabant (Locatie 's-Hertogenbosch), 16 januari 2012
ECLI:NL:RBSHE:2012:BV2306
Stichting Kunstencentrum De Meander/werkneemster
Werkneemster (53 jaar) is in dienst van Stichting Kunstencentrum De Meander, laatstelijk als medewerkster cursistenadministratie voor 0,65 fte. De Meander verzoekt de arbeidsovereenkomst voor 0,15 fte te ontbinden. De Meander voert aan dat zij 35% van de subsidie van de gemeente zal kwijtraken. Om levensvatbaar te blijven is een fundamentele herstructurering van de organisatie noodzakelijk. De functie van werkneemster blijft voor 0,5 fte beschikbaar, zodat voor 0,15 fte ontbinding wordt verzocht.
De kantonrechter oordeelt als volgt. Nu werkneemster de slechte financiële positie van De Meander niet heeft betwist, wordt de arbeidsovereenkomst wegens bedrijfseconomische redenen gedeeltelijk ontbonden. Dat De Meander de ontbinding verzoekt per 1 december 2012 maakt in dit specifieke geval geen verschil. De Meander zou ook gerechtigd zijn de arbeidsovereenkomst per eerdere datum te doen ontbinden omdat haar financiële positie daartoe noopt. Dat zij haar werknemers op een fatsoenlijke wijze probeert te behandelen door rekening te willen houden met de re-integratiefase kan er niet toe leiden dat zij daardoor de overeenkomst met werkneemster niet zou kunnen ontbinden. Uit niets is aannemelijk geworden dat er een doorstart zal plaatsvinden en dat de functie van werkneemster niet gedeeltelijk zal vervallen. De medewerkers van De Meander waarvoor geen vergunning of ontbinding door de kantonrechter vereist is (onderwijzend personeel) zijn reeds per 1 december 2012 ontslagen. Indien het dienstverband met werkneemster niet per die datum wordt ontbonden, ontstaat er rechtsongelijkheid tussen werkneemster en haar collegae. De arbeidsovereenkomst wordt derhalve gedeeltelijk (voor 0,15 fte) ontbonden met ingang van 1 december 2012.
Tijdens de mondelinge behandeling is de vraag aan de orde geweest wat er zou gebeuren als de financiële situatie van De Meander zich voor 1 december 2012 in positieve zin ontwikkelt. De Meander heeft aangegeven dat het haar bedoeling is om het dienstverband in zijn geheel te behouden als dat financieel en qua hoeveelheid werk mogelijk is. Daarom wordt aan de ontbinding van de arbeidsovereenkomst de voorwaarde verbonden dat die ontbinding niet van kracht zal worden indien de financiële situatie van De Meander op 1 december 2012 zodanig is verbeterd dat het dienstverband van werkneemster in zijn geheel kan worden behouden en er voldoende werk voor werkneemster voorhanden is om dat dienstverband in zijn geheel te behouden. Omdat er voorzieningen in het sociaal plan zijn overeengekomen, wordt geen vergoeding toegekend. Er zou rechtsongelijkheid ontstaan tussen werkneemster en de collega’s van het onderwijzend personeel die zonder tussenkomst van de kantonrechter of het UWV WERKbedrijf worden ontslagen en aan wie de voorzieningen uit het sociaal plan toekomen. Er is geen aanleiding om in het geval van werkneemster af te wijken van het sociaal plan.