Rechtspraak
Rechtbank Oost-Brabant (Locatie 's-Hertogenbosch), 19 januari 2012
ECLI:NL:RBSHE:2012:BV3010
werknemer/HTRS Nederland BV
Werknemer is sinds 2006 in dienst van HTRS Nederland, laatstelijk in de functie van fleetmanager. Als fleetmanager was werknemer verantwoordelijk voor het beheer en het beschikbaar houden van voldoende locomotieven, wagons en containers voor HTRS en haar klanten. Op 5 juli 2010 heeft HTRS Nederland werknemer laten weten dat zijn werkzaamheden als fleetmanager komen te vervallen omdat het onderhoud van het materieel inclusief de planning en de overige werkzaamheden van de fleetmanager aan derden wordt overgedragen. Na verkregen toestemming van UWV WERKbedrijf is de arbeidsovereenkomst opgezegd. Werknemer vordert schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag. Hij stelt dat sprake is van een valse of voorgewende reden. Volgens werknemer is de reden van de opzegging gelegen in het feit dat hij het er niet mee eens was dat de leaseauto, waar hij op grond van zijn arbeidsovereenkomst recht op had, door HTRS Nederland is afbesteld.
De kantonrechter oordeelt als volgt. Werknemer heeft niet aangetoond dat de werkelijke reden van de opzegging is gelegen in het conflict over de leaseauto. HTRS Nederland heeft onbetwist gesteld dat het recht op een leaseauto vanwege de financiƫle omstandigheden is ingetrokken en dat dit niet alleen voor werknemer gold maar ook voor andere werknemers. De stelling dat HTRS Nederland op grond van Europese regelgeving de taken van werknemer niet aan een derde zou mogen overdragen, is onvoldoende onderbouwd. Er is onvoldoende gesteld om te concluderen dat sprake is van een voorgewende of valse reden voor ontslag. Volgt afwijzing van de vorderingen.