Naar boven ↑

Rechtspraak

werkneemster/X Holding BV c.s.
Rechtbank Den Haag, 28 maart 2012
ECLI:NL:RBSGR:2012:BW2957

werkneemster/X Holding BV c.s.

Holding en bestuurders modezaak handelen onrechtmatig door het faillissement van de onderneming aan te vragen met het enkele doel werkneemster haar arbeidsrechtelijke bescherming te ontnemen

Werkneemster is in 1988 in dienst getreden van de rechtsvoorgangster van Inge Been- en Ondermode B.V. (hierna: IBO). Tot het faillissement van IBO is X Holding enig aandeelhouder en enig bestuurder van IBO geweest. X en Y zijn de bestuurders van X Holding. In 2009 is tussen werkneemster en X een (arbeids)conflict ontstaan en is zij ziek gemeld. In januari 2010 is IBO op eigen aanvraag in staat van faillissement verklaard. De rechtbank heeft de machtiging van de R-C voor opzegging van de arbeidsovereenkomst vernietigd en geoordeeld dat het ontslag kennelijk onredelijk is (zie AR 2010-0327). Thans stelt werkneemster X Holding en de twee bestuurders aansprakelijk.

De rechtbank oordeelt als volgt. Hoewel IBO zich ten tijde van het faillissement in een weinig rooskleurige financiële positie bevond, was het faillissement niet onafwendbaar. In het najaar van 2009 werd nog een andere werkneemster aangenomen waardoor de loonkosten toenamen. Daar komt nog bij dat X Holding de activa van IBO na haar faillissement door Inge Beenmode heeft laten overnemen, waarbij de winkel is voortgezet met de voormalige werknemers van IBO, uitgezonderd werkneemster. Geoordeeld wordt dat X Holding, uitsluitend met het doel om te voorkomen dat werkneemster de normale arbeidsrechtelijke bescherming werd geboden, het faillissement van IBO heeft aangevraagd. Daarmee heeft X Holding onrechtmatig gehandeld, welk handelen haar kan worden toegerekend. Hiermee is de schadeplichtigheid van X Holding en, ingevolge artikel 2:11 BW, haar bestuurders X en Y gegeven. Het onrechtmatig handelen heeft ertoe geleid dat werkneemster een lagere vergoeding heeft gekregen dan haar zou zijn toegekend indien IBO haar de normale arbeidsrechtelijke bescherming zou hebben geboden. Haar netto (inkomens)schade wordt geschat op € 7.250. Dit bedrag wordt toegewezen.