Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 14 augustus 2012
ECLI:NL:GHARN:2012:BX6556
Elementis Specialties Netherlands B.V./werknemer
Elementis is een bedrijf waar met brandbare stoffen wordt gewerkt. Dit maakt dat roken in de directe omgeving van productiegebouwen en in de buurt van de opslag van chemicaliën gevaarlijk is. In 2003 of 2004 heeft Elementis de zogenoemde gele lijn geïntroduceerd. Achter deze lijn mocht niet meer worden gerookt. Met ingang van 1 juli 2008 geldt een algemeen rookverbod op het terrein van Elementis. In november 2008 is het rookbeleid versoepeld, in die zin dat er één plek om te roken is aangewezen, te weten de vóór de gele lijn gelegen oude fietsenstalling. Bij e-mail van 21 januari 2010 zijn alle personeelsleden naar aanleiding van een overtreding van het rookverbod nogmaals op dat verbod gewezen. Daarbij werd meegedeeld dat iedereen die achter de gele lijn of binnen het laboratorium betrapt zou worden op roken, op staande voet zou worden ontslagen. Werknemer heeft in de vroege ochtend van 21 juni 2010 achter de gele lijn gerookt, waarop hij op staande voet is ontslagen hetgeen hem bij brief van 21 juni 2010 is bevestigd. De vordering van werknemer tot loondoorbetaling en wedertewerkstelling is door de kantonrechter in kort geding afgewezen. Het voorwaardelijk verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst is toegewezen met ingang van 13 augustus 2010. Werknemer heeft daarop berust in het ontslag als zodanig maar aanspraak gemaakt op de gefixeerde schadevergoeding, vakantiegeld en 13e maand, en een bedrag van € 25.000 in verband met kennelijk onredelijk ontslag. Bij het bestreden vonnis heeft de kantonrechter de vordering tot betaling van de gefixeerde schadevergoeding, vakantietoeslag en 13e maand gehonoreerd en Elementis veroordeeld tot betaling van een bedrag van € 7.851,20 bruto. De vordering gebaseerd op kennelijk onredelijk ontslag is afgewezen. Werknemer is van deze afwijzing niet in hoger beroep gekomen zodat deze in hoger beroep niet voorligt. Elementis is in hoger beroep gekomen en stelt zich, kort gezegd, op het standpunt dat het ontslag op staande voet terecht is verleend en er dus geen reden is tot betaling van de schadevergoeding.
Het hof oordeelt als volgt. Anders dan de kantonrechter acht het hof sprake van een dringende reden voor ontslag. Werknemer was op de hoogte van het uitdrukkelijke rookverbod van Elementis. Werknemer was ten tijde van het ontslag op staande voet bijna 40 jaar en mag mede gelet op zijn lange dienstverband geacht worden de ernst van de risico's ter bescherming waartegen het rookverbod is gegeven, ten volle te onderkennen en zich daarnaar te kunnen gedragen. Het was werknemer bekend dat Elementis als onderneming in de chemische sector veel waarde hechtte aan het naleven van voorschriften als deze, zowel ter voorkoming van schade aan mens en milieu, als ter handhaving van een goede reputatie. De eerder genoemde e-mail onderstreept dit door immers te eindigen met: ‘Veiligheid heeft de hoogste prioriteit hetgeen betekent dat we ons dergelijke risico's niet kunnen veroorloven.’ Het verweer van werknemer dat hij gerookt heeft bij de poort Meenhuisweg, en op de desbetreffende plaats geen gevaarlijke stoffen aanwezig waren, kan hem niet baten. Het is niet aan de individuele werknemer om te bepalen of het roken op een bepaalde locatie op het terrein al dan niet gevaarlijk is. Elementis heeft als werkgever en ondernemer deze afweging gemaakt, en ook mogen maken, door duidelijk aan te geven waar wel en waar niet mag worden gerookt. Het feit dat werknemer negen jaar naar volle tevredenheid heeft gefunctioneerd en nooit eerder is gewaarschuwd, doet aan de dringende reden niet af.