Rechtspraak
werkgeefster/werknemer
Werknemer is sinds 1985 in dienst als planner. In 2009 is een nieuw kantoorautomatiseringssysteem ingevoerd, dat werknemer verplicht moet gebruiken. Werknemer heeft vanaf de aangekondigde invoering tot aan het moment waarop hij ziek werd, gewezen op de tekortkomingen en in zijn ogen ongewenste gevolgen van de invoering van het nieuwe kantoorautomatiseringssysteem. Werknemer is diverse keren gewaarschuwd en geschorst voor zijn negatieve houding ten aanzien van het nieuwe systeem. Op 14 januari 2013 heeft een gesprek plaatsgevonden waarin werknemer de keuze is gegeven tussen het aanpassen van zijn functioneren, het aanvaarden van een andere functie of ontslag. Op 22 januari 2013 heeft werknemer zich ziek gemeld. De bedrijfsarts heeft vastgesteld dat de oorzaak van de ziekte deels in het werk ligt. Thans verzoekt werkgeefster ontbinding van de arbeidsovereenkomst.
De kantonrechter ziet de ziekmelding van werknemer als een welhaast niet te vermijden gevolg van het zich in tijd voortslepende conflict tussen werkgeefster en werknemer over de wijze waarop werknemer met het nieuwe automatiseringssysteem zou moeten werken en de wijze waarop en de mate waarin hij zich daarover in woord en daad al dan niet negatief mag uitlaten. Daarbij valt op dat steeds wel de inhoudelijke kritiek die werknemer bij voortduring uitte op het nieuwe systeem door werkgeefster werd erkend, in die zin dat werknemer steeds gehoor vond in zijn door hem ook concreet gemaakte zorgen met betrekking tot de geschiktheid van het nieuwe systeem. Aldus is een situatie ontstaan waarin werknemer zich gesterkt voelde in zijn overtuiging dat het nieuwe systeem niet voldeed, maar hij toch bij voortduring werd ‘bestraft’ voor het feit dat hij kritiek bleef uiten op dat nieuwe systeem. De relatie tussen het arbeidsconflict en de ziekte van werknemer is daarmee gelegd. Die relatie verzet zich ertegen dat thans de arbeidsovereenkomst wordt ontbonden, zodat het daartoe strekkende verzoek wordt afgewezen.