Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 22 maart 2013
ECLI:NL:RBZWB:2013:CA0326
De Gemeenschappelijke Regeling Diamant Groep/werknemer
Werknemer heeft een Wsw-indicatie en is sinds januari 2012 in dienst van Diamant in de functie van medewerker groen. Werknemer is na een vechtpartij op staande voet ontslagen. In de ontslagbrief staat vermeld dat werknemer een collega met doelgerichte slagen ernstig letsel heeft toegebracht. Bij de collega zijn gekneusde ribben, gekneusde ringvinger en pink, gekneusde neus, oogletsel en kaakletsel geconstateerd. Thans verzoekt Diamant voorwaardelijke ontbinding van de arbeidsovereenkomst, primair wegens een dringende reden.
De kantonrechter oordeelt als volgt. Werknemer heeft de hem verweten gedraging niet ontkend of betwist. Deze gedraging levert op grond van artikel 7:678 lid 2 sub e BW een dringende reden op. Dat sprake is geweest van discriminatie, zoals werknemer stelt, is op geen enkele wijze gebleken. Bovendien had werknemer hierover bij zijn leidinggevende een klacht kunnen indienen. Het is onacceptabel dat werknemer fysiek geweld heeft gebruikt. Dat werknemer een Wsw-indicatie had, vormt geen enkele rechtvaardiging voor de door hem gepleegde daad. De arbeidsovereenkomst wordt voorwaardelijk wegens een dringende reden ontbonden. Ten overvloede wordt overwogen dat als geen sprake zou zijn geweest van een dringende reden, de arbeidsovereenkomst wegens veranderingen in omstandigheden zonder toekenning van een vergoeding zou zijn ontbonden. Nu in deze procedure op geen enkele wijze is gebleken dat er sprake was van discriminatie van werknemer, zou geoordeeld zijn dat het ontstaan van de vertrouwensbreuk volledig aan werknemer te wijten is.