Rechtspraak
werknemer/Flexlink
Werknemer (40 jaar) is in 1993 in dienst getreden bij de rechtsvoorgangster van Flexlink. Laatstelijk was hij werkzaam als Project Engineer tegen een brutosalaris van € 3.400 per maand. Flexlink heeft – na een eerder mislukte toestemmingsaanvraag – met toestemming van het UWV de arbeidsovereenkomst met werknemer opgezegd tegen 1 augustus 2010. Aan de toestemming is de zogenoemde wederindiensttredingsvoorwaarde verbonden. Werknemer is sedert september 2010 in dienst bij Kieu Engineering B.V. tegen een brutosalaris van € 3.600 per maand. Werknemer stelt zich op het standpunt dat sprake is van een kennelijk onredelijke opzegging. De kantonrechter heeft de vorderingen afgewezen.
Het hof oordeelt als volgt. Het beroep op de wederindiensttredingsvoorwaarde faalt. Hoewel de collega van werknemer na diens ontslag als zzp’er nog werkzaamheden heeft verricht voor Flexlink, kan niet worden geoordeeld dat het daarbij ging om soortgelijke werkzaamheden als die van werknemer. De opzegging is derhalve niet vernietigbaar.
Wat de kennelijke onredelijkheid betreft, oordeelt het hof dat werknemer onvoldoende de stellingen van Flexlink heeft weersproken, waarin zij overwoog dat ten tijde van het ontslag gezien de kwalificaties van werknemer voldoende uitzicht was op nieuw werk. Nu werknemer binnen 1,5 maanden een nieuwe baan heeft gevonden, wordt dit voorziene uitgangspunt bevestigd. Volgt bekrachtiging van het vonnis van de kantonrechter.