Naar boven ↑

Rechtspraak

werkgeefster/werknemer
Rechtbank Noord-Nederland, 16 oktober 2013
ECLI:NL:RBNNE:2013:6127

werkgeefster/werknemer

Afwijzing ontbindingsverzoek. Werknemer is arbeidsongeschikt geraakt als gevolg van omstandigheden die verband houden met het werk. Bedrijfseconomische noodzaak tot reorganisatie niet aannemelijk. Reflexwerking opzegverbod

Werknemer is sinds 2010 in dienst van werkgeefster, een orthodontisch laboratorium. Het transport van de werken van en naar klanten wordt uitgevoerd door werknemer. Werkgeefster is eind 2012 toegetreden tot de internationale overkoepelende organisatie Elysee Dental Group. Op 27 mei 2013 heeft werkgeefster werknemer meegedeeld dat zij zich in verband met kostenbesparing en harmonisatie van beleid met de Elysee Dental Group genoodzaakt ziet om de nachtdistributie uit te besteden en dat de functie van werknemer als gevolg hiervan komt te vervallen. Op 30 mei 2013 is werknemer tijdens het werk – door het oppakken van een bak – door zijn rug gegaan als gevolg waarvan hij zich die dag heeft ziek gemeld en later geopereerd is aan een hernia. Werknemer is thans nog steeds arbeidsongeschikt. Werkgeefster verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Voldoende aannemelijk is geworden dat werknemer arbeidsongeschikt is geraakt als gevolg van omstandigheden die verband houden met het werk. Ten aanzien van de reflexwerking van het opzegverbod tijdens ziekte, beroept werkgeefster zich op de uitzondering van artikel 7:670b lid 2 BW. Voorts stelt zij dat er sprake is van een bedrijfseconomische noodzaak tot reorganisatie. Dit standpunt wordt niet gevolgd. Gesteld noch gebleken is dat sprake is van een algehele bedrijfssluiting of sluiting van het onderdeel waar werknemer werkzaam is, dan wel dat voor werkgeefster een bedrijfseconomische noodzaak tot reorganisatie bestaat. Werkgeefster heeft ter zitting juist aangegeven dat het financieel goed gaat met het bedrijf. Nu vaststaat dat voor werkgeefster geen bedrijfseconomische noodzaak tot reorganisatie geldt, maar zij slechts de wens heeft om de functie van werknemer te laten vervallen, leidt dit ertoe dat deze uitzondering op de reflexwerking van het opzegverbod niet van toepassing is in dit geval. Het opheffen van de arbeidsplaats van de werknemer wordt niet als een zodanige uitzondering aangemerkt (Kamerstukken II 1996/97, 25 263, nr. 3). Hoewel de door werkgeefster genoemde aanleiding van het verzoek dan wel bedrijfseconomisch van aard is en het (in beginsel) ook tot de beleidsvrijheid van een werkgever hoort om dergelijke beslissingen te nemen, geldt dat een werkgever bij het maken van haar keuzes in het bijzonder rekening dient te houden met werknemers die ziek zijn. Indien sprake is van een zieke werknemer, brengt dit een strenge zorgplicht voor de werkgever mee. Gelet op de reflexwerking van het opzegverbod tijdens ziekte, wordt het ontbindingsverzoek afgewezen.