Rechtspraak
werknemer/werkgever
Werknemer is per 1 januari 2010 in dienst getreden als monteur dakgoten. Hij heeft zich per 19 maart 2012 ziek gemeld in verband met rugklachten als gevolg van een hernia. Hij heeft op 4 juli 2012 en op 9 januari 2013 een operatieve ingreep ondergaan. Werknemer is diverse malen door de bedrijfsarts gezien en deze heeft hem in november 2012 ongeschikt voor eigen werk geacht. De arbeidsdeskundige heeft in december 2012 geadviseerd om het tweedespoortraject te volgen. In mei 2013 heeft de bedrijfsarts geadviseerd om door te gaan met re-integratie tweede spoor. Per april 2013 heeft werkgever de salarisbetaling volledig gestaakt. Werkgever stelt dat werknemer geen arbeid heeft verricht, al dan niet in aangepaste vorm, terwijl hij wel werkzaamheden als koerier en dj verrichtte. Werknemer is niet arbeidsongeschikt. Voor het geval werknemer wel als arbeidsongeschikt wordt aangemerkt, stelt werkgever zich op het standpunt dat werknemer door zijn werkzaamheden als dj en koerier en zijn feestgedrag zijn klachten heeft verergerd. Werknemer heeft hierdoor zijn genezing belemmerd en verder zonder deugdelijke reden geen passende arbeid voor werkgever verricht. Werknemer heeft een loonvordering ingesteld.
De kantonrechter oordeelt als volgt. De bedrijfsarts heeft in april 2012 vastgesteld dat werknemer arbeidsongeschikt was en hem in oktober 2012 ongeschikt voor eigen werk bevonden. Vanaf oktober 2012 heeft werknemer aangepaste werkzaamheden op therapeutische basis voor werkgever verricht. Hij heeft deze werkzaamheden gestaakt voorafgaande aan een (tweede) operatie. Na deze operatie heeft hij een periode van herstel moeten ondergaan. Werkgever heeft dit alles onvoldoende betwist, zodat er ten aanzien van deze periode geen deugdelijke grondslag is om de loonbetaling geheel of gedeeltelijk te staken. Werknemer heeft vervolgens zijn activiteiten als dj weer opgepakt. Dat hij ook als koerier werkzaam zou zijn geweest is onvoldoende aannemelijk geworden. Gelet op hetgeen met betrekking tot de activiteiten van werknemer als dj en (het gebrek aan) bekendheid en instemming daarmee van de bedrijfsarts door werkgever is gesteld en in reactie daarop door werknemer is aangevoerd, valt vooralsnog niet uit te sluiten dat werknemer in ieder geval ingaande juli 2013 passende arbeid voor werkgever niet heeft verricht, alhoewel hij daartoe in staat was, dan wel in ieder geval met zijn handelwijze zijn genezing heeft vertraagd of belemmerd. De loonvordering wordt toegewezen tot 1 juli 2013 en vanaf die datum afgewezen. Ten overvloede wordt opgemerkt dat de arbeidsovereenkomst tussen partijen per heden is ontbonden, zodat de loonvordering zich tot uiterlijk 15 november 2013 kan uitstrekken.