Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/X c.s.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 30 oktober 2013
ECLI:NL:RBZWB:2013:10790

werknemer/X c.s.

Berisping arts vanwege het breed verspreiden van aantekening in het EPD van patiënte niet in strijd met goed werkgeverschap. Vermelding naam van arts in EPD had beter achterwege kunnen blijven, maar is niet onrechtmatig. Afwijzing gevorderde schadevergoeding.

Werknemer is arts en in dienst van Emergis. Werknemer stelt dat X (ook in dienst van Emergis) een ernstige inbreuk op zijn professionele integriteit heeft gemaakt door een rapportage van 18 augustus 2012 in het Elektronische Patiënten Dossier (hierna: EPD) van een patiënte. Werknemer stelt dat hij in die rapportage met naam werd genoemd en geassocieerd met zeer ernstig en volstrekt onaanvaardbaar seksueel grensoverschrijdend gedrag. De arbeidsovereenkomst is op 2 mei 2013 geëindigd. Sinds 1 juli 2013 is werknemer werkzaam bij een GGZ-instelling. Werknemer vordert intrekking van de maatregel van berisping, rectificatie en/of verwijdering van de verslagleggingen in het EPD en een schadevergoeding wegens onrechtmatige daad.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Hoewel de arbeidsovereenkomst per 2 mei 2013 is ontbonden, behoudt werknemer, met het oog op zijn positie op de arbeidsmarkt, er belang bij dat de berisping wordt ingetrokken indien grond bestaat voor die intrekking. De grond voor de berisping komt erop neer dat werknemer niet collegiaal handelde en in strijd met de regels voor artsen en voor medewerkers van Emergis. Het gewraakte gedrag van werknemer bestond daarin dat hij niet meteen contact opnam met X maar koos voor het breed verspreiden, ook aan externen, van een e-mail met een deel van de aantekening in het EPD van de patiënte. Emergis heeft zich in redelijkheid op het standpunt gesteld, zonder daarbij de grenzen van het goed werkgeverschap te overschrijden, dat het gewraakte gedrag van werknemer niet aanvaardbaar was. Ook is begrijpelijk dat Emergis zwaar tilt aan dergelijk gedrag. Tijdens het werk kunnen conflicten ontstaan en fouten worden gemaakt. In dit geval kan ervan worden uitgegaan dat X fouten had gemaakt – zoals Emergis erkent in haar brief van 11 oktober 2012 aan hem – door op 18 augustus 2012 in het EPD van patiënte de naam van werknemer te vermelden, door zijn twijfel aan de beweringen van de patiënte niet explicieter weer te geven en door niet zo spoedig mogelijk de kwestie met werknemer te bespreken. Juist na dergelijke fouten van een ander en na het ontstaan van een conflict mag worden verwacht, zeker van artsen, dat zij collegiaal met elkaar omgaan en de-escalerend optreden. Werknemer schoot hierin in aanzienlijke mate tekort door in plaats daarvan zijn kritiek op X niet met hem of met anderen uit de directie te bespreken, maar in een e-mail te verspreiden in de kring van circa zestig personen, onder wie externen, met een passage uit het vertrouwelijke EPD van patiënte. Dergelijk gedrag past niet in deze omstandigheden. De vordering tot rectificatie en/of verwijdering van de verslagleggingen in het EPD is niet toewijsbaar. Ondanks de registratie in het EPD van de patiënte, slaagde werknemer als 64-jarige erin binnen twee maanden na het einde van de arbeidsovereenkomst met Emergis een andere betrekking als arts te vinden in de geestelijke gezondheidszorg. Uit de registratie in het EPD blijkt voldoende van de twijfel van X over het waarheidsgehalte van het relaas van patiënte. De registratie door X van de aantekeningen in het EPD van de patiënte is niet onrechtmatig te achten, hoewel het de voorkeur had verdiend de naam van werknemer niet te vermelden. Om deze reden wordt ook de gevorderde schadevergoeding afgewezen.