Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (Locatie Arnhem), 20 mei 2014
ECLI:NL:GHARL:2014:4043
BAS Personeelszaken BV/werknemer
Werknemer is van 1 oktober 2010 tot 1 februari 2011 in dienst geweest van BAS. Op de arbeidsovereenkomst is een geheimhoudingsbeding van toepassing. De leidinggevende van werknemer was X. Met ingang van 1 februari 2011 is werknemer in dienst getreden van de stichting Stichting Hou Vast Zorg te Winterswijk. De leidinggevende aldaar was Y. X en Y hebben een eigen onderneming gestart die soortgelijke activiteiten ontplooit als BAS en Hou Vast Zorg. In deze procedure vordert BAS betaling van de geheimhoudingsbedingboete wegens het doorspelen van informatie aan Y.
Het hof oordeelt als volgt. Tussen de partijen is niet in geschil dat e-mailberichten vallen onder de bescherming van artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, dat het recht op privacy beschermt, ook wanneer de berichten zijn verstuurd vanaf de werkplek van de werkgever. De werkgever kan de e-mailberichten van zijn werknemer slechts controleren indien voor de werknemer kenbaar is of kan zijn dat zijn e-mailberichten kunnen worden gecontroleerd door de werkgever (bijv. via een personeelsreglement of op grond van de arbeidsovereenkomst), er sprake is van een gerechtvaardigd doel en er voldaan is aan de proportionaliteitseis. Anders dan BAS is het hof van oordeel dat werknemer door het afgeven van de laptop aan het eind van zijn dienstverband niet aan BAS en haar IT-technici de vrijheid heeft gegeven om te beschikken over de eventueel nog op de laptop aanwezige bestanden. Werknemer heeft immers zelf ter comparitie in eerste aanleg verklaard dat hij de laptop gereinigd heeft ingeleverd. Kennelijk was hij zelf in de veronderstelling dat zich geen bestanden meer op de laptop bevonden, zodat hij er ook geen rekening mee behoefde te houden dat zijn e-mailberichten zouden worden gecontroleerd, laat staan dat hij daarmee heeft ingestemd.