Naar boven ↑

Rechtspraak

Aquaserva Group B.V./werknemer
Rechtbank Noord-Nederland, 29 september 2014
ECLI:NL:RBNNE:2014:4749

Aquaserva Group B.V./werknemer

Werknemer betwist dat concurrentiebeding in arbeidsovereenkomst is overeengekomen. Daarnaast dient ‘zwaarder drukken’ van concurrentiebeding in belangenafweging te worden betrokken. Afwijzing vorderingen voormalig werkgever in kort geding.

Aquaserva is een landelijk opererende onderneming die zich toelegt op het verrichten van diensten op het gebied van veilig beheer van technische installaties in gebouwen en woningen. Werknemer is in 2008 in dienst getreden als (junior) technisch adviseur. De arbeidsovereenkomst tussen partijen is geëindigd op 1 februari 2014. Tijdens het dienstverband heeft werknemer ook gewerkt voor de – tot voor kort – belangrijkste klant van Aquaserva, het Centraal orgaan Opvang Asielzoekers (hierna: COA). Werknemer is per 1 februari 2014 in dienst getreden bij Amned, in de functie van projectleider uitvoering Amned, waarvan Belle Holding mede-aandeelhouder en bestuurder is. Op 4 april 2014 heeft het COA na een Europese aanbesteding – waaraan ook Aquaserva deelnam – het perceel legionellapreventie (voorlopig) gegund aan de Combinatie CAG Consult Air Group/Amned. Bella Holding is enig aandeelhouder van CAG Consult Air Group B.V. Aquaserva stelt dat werknemer in strijd met het in de arbeidsovereenkomst overeengekomen concurrentiebeding handelt en boetes verbeurt. Werknemer betwist dat een concurrentiebeding is overeengekomen.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Het belangrijkste geschil tussen partijen betreft de status van het non-concurrentiebeding, zoals in artikel 9.2 van de arbeidsovereenkomst omschreven. Uit dit beding volgt dat werknemer tot 1 februari 2015 – kort gezegd – niet bij een werkgever in dienst mag treden die een zaak drijft, gelijksoortig of aanverwant aan Aquaserva. Gelet op de beschrijving in het handelsregister van de bedrijfsactiviteiten van Aquaserva en Amned kan weliswaar niet in strikte zin worden gesproken van gelijksoortige of aanverwante bedrijfsactiviteiten, maar in de feitelijke bedrijfsuitoefening zijn zij dat wel. Nu Aquaserva en Amned (in combinatie met CAG) hebben ingeschreven op de openbare aanbesteding inzake de legionellabestrijding van het COA, zijn zij ook elkaars concurrenten. Onverkorte toepassing van het non-concurrentiebeding zou het – voorlopig – oordeel rechtvaardigen dat werknemer tot 1 februari 2015 niet bij Amned in dienstbetrekking mag treden en ook niet had mogen treden. Desondanks wordt anders geoordeeld. In het contract uit 2008, waarbij werknemer in dienst trad als junior (technisch) adviseur is slechts een geheimhoudingsbepaling opgenomen. Het onderhavige non-concurrentiebeding dateert van 31 december 2010 en is volgens Aquaserva overeengekomen toen Aquaserva B.V. opging in Aquaserva (Group). Werknemer betwist echter niet alleen dit contract te hebben getekend; ook betwist hij destijds duidelijk te zijn geïnformeerd over de verzwaring van de in dit contract opgenomen bedingen en de daaruit voortvloeiende beperking van zijn arbeidskeuzevrijheid. Dit gemotiveerde verweer behoeft nader onderzoek. Daar komt bij dat werknemer in 2010 is aangesteld in een managersfunctie maar daaruit medio 2012 weer is teruggetreden, waarna hij wederom is tewerkgesteld in zijn ‘oude’ functie van technisch adviseur. Voor zover Aquaserva belang had bij een verzwaring van het non-concurrentiebeding in 2010 in verband met de leidinggevende functie van werknemer, is dit belang in 2012 komen te vervallen. Mede gelet op de aan Aquaserva (Group) verbonden ruime formulering van de bedrijfsactiviteiten is het beding daarmee ook aanzienlijk zwaarder gaan drukken, hetgeen in de belangenafweging een rol dient te spelen. De vorderingen van Aquaserva worden in dit kort geding afgewezen. Ter zitting heeft de huidige werkgever van werknemer ermee ingestemd dat werknemer tot 1 februari 2015 niet zal worden ingezet bij de vestigingen van het COA, teneinde recht te doen aan het (al dan niet overeengekomen) relatiebeding. Bij wege van ordemaatregel zal deze toezegging bindend worden opgelegd.