Rechtspraak
Rechtbank Noord-Nederland (Locatie Leeuwarden), 16 september 2014
ECLI:NL:RBNNE:2014:4491
Connexxion Openbaar Vervoer N.V./werknemer
Werknemer is voor onbepaalde tijd in dienst van Connexxion als buschauffeur. Op de arbeidsovereenkomst is de CAO Openbaar Vervoer (hierna: de cao) van toepassing. Artikel 73 van de cao bepaalt dat indien door de werkgever kan worden aangetoond dat vermissing of beschadiging van de in gebruik ontvangen voertuigen, werktuigen en/of gereedschappen het gevolg is van onzorgvuldig gebruiken of bewaren door de werknemer, deze kan worden verplicht een naar billijkheid vast te stellen schadevergoeding te voldoen. Dit is eveneens van toepassing ten aanzien van aan de werknemer door de werkgever toevertrouwde of door derden afgedragen gelden. Werknemer had van Connexxion, zoals iedere chauffeur, een consignatievoorraad ter beschikking gekregen. Deze voorraad bestond uit vervoersbewijzen en (wisselgeld). Uit de tas van werknemer zijn contant geld en vervoersbewijzen ten bedrage van € 1.940 verdwenen. Connexxion stelt werknemer aansprakelijk voor de schade.
De kantonrechter oordeelt als volgt. Nu gesteld noch gebleken is dat werknemer betreffende de onderhavige schade is verzekerd, kan in het midden blijven of het bepaalde in artikel 73 van de cao als een schriftelijke overeenkomst waarbij wordt afgeweken van het bepaalde in artikel 7:661 lid 1 BW beschouwd kan worden. Voor bewust roekeloos handelen is op grond van artikel 7:661 BW vereist dat de werknemer zich onmiddellijk voorafgaand aan het voorval daadwerkelijk bewust was van het roekeloze karakter van zijn gedraging. Uit de stellingen van werknemer blijkt dat hij zijn consignatievoorraad na het eerste deel van zijn dienst uit zijn kluis gehaald heeft om zijn voorraad thuis te gaan tellen met het oog op het feit dat hij zijn consignatievoorraad aan het eind van zijn werkdag moest inleveren nu zijn dienstverband bij Connexxion die dag eindigde. Verder heeft werknemer gesteld dat hij zijn tas (met daarin zijn consignatievoorraad) slechts bij toiletbezoek toen hij zich in de kantine bevond gedurende enkele minuten uit het oog heeft verloren en dat het onder collega’s gebruikelijk is om de tas op de tafel te zetten in een ruimte die slechts voor collega’s met een pasje toegankelijk is. Onder deze omstandigheden kan Connexxion weliswaar worden toegegeven dat het onvoorzichtig was om de tas bij het toiletbezoek op de tafel achter te laten en de consignatievoorraad reeds na het eerste deel van de dienst uit zijn kluis te halen in plaats van na het tweede deel van zijn dienst en de consignatievoorraad daarna te tellen, maar dit alles impliceert nog niet dat werknemer zich toen daadwerkelijk bewust was van het roekeloze van zijn gedragingen en dat hem daarmee bewuste roekeloosheid kan worden verweten. De door Connexxion gestelde waarschuwingen en mededelingen op het publicatiebord maken het voorgaande niet anders. Volgt afwijzing van de vorderingen.