Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam (Locatie Amsterdam), 21 oktober 2014
ECLI:NL:GHAMS:2014:4336
werknemer/Forbo Flooring BV
Werknemer is per 1 september 2006 in dienst getreden van Forbo Flooring in de functie van accountmanager projecten. Het salaris van werknemer bedroeg laatstelijk € 3806,70 bruto per maand. De arbeidsovereenkomst is middels ontbinding geëindigd op 22 juni 2010 onder toekenning van een vergoeding aan werknemer. Werknemer vordert in deze procedure onder meer terugbetaling van te veel ingehouden eigen bijdrage voor de leaseauto, overwerkvergoeding en een gemiddelde bonus.
Het hof oordeelt als volgt. Met betrekking tot de leasebedragen heeft werknemer aangevoerd dat hij in november 2006 een leaseauto heeft uitgekozen waarvoor een eigen bijdrage van € 100 gold. Per 1 januari 2007 zijn de leasenormbedragen gewijzigd van € 770 naar € 870. Volgens werknemer brengt de redelijkheid en billijkheid met zich dat de werkgever hem had geïnformeerd en gelijk had behandeld met werknemers die na 1 januari 2007 een leaseauto aanschaften. Het hof oordeelt dat niet kan worden gezegd dat sprake is van ongelijke behandeling van werknemer, die immers in 2006 een leaseauto kreeg, ten opzichte van collega’s waarvoor na 1 januari 2007 een leasecontract werd afgesloten. Het is overigens een feit van algemene bekendheid dat de normbedragen voor de toekenning van leaseauto’s periodiek worden verhoogd in verband met prijsontwikkelingen in de markt. Ook overigens is geen sprake van schending van het goed werkgeverschap.
Met betrekking tot de bonus oordeelt het hof aldus. De arbeidsovereenkomst sluit de regeling die in de cao over de betaling van overwerk is opgenomen uit. Indien partijen hadden bedoeld een regeling omtrent beloning voor overwerk overeen te komen die afwijkend was van die van de cao, dan had het voor de hand gelegen dat deze in de arbeidsovereenkomst nader was uitgewerkt. Nu zij hebben nagelaten een dergelijke uitwerking in de overeenkomst op te nemen, terwijl zij wel uitdrukkelijk aandacht aan dit onderwerp hebben besteed door de regeling van de cao uit te sluiten, dient ervan te worden uitgegaan dat zij hebben bedoeld geen aparte beloning voor overwerk overeen te komen. Forbo heeft erop gewezen dat werknemer als accountmanager de vrijheid had zijn werkzaamheden naar eigen inzicht in te delen zodat, als hij ’s avonds zijn e-mails beantwoordde, dit nog niet betekende dat hij daadwerkelijk overwerkte. Hoewel de meeste accountmanagers hun werk binnen de overeengekomen arbeidsduur van 40 uren per week kunnen afronden, is niet uit te sluiten dat er af en toe wat meer uren worden gewerkt. De vergoeding daarvoor moet geacht worden te zijn opgenomen in het salaris van werknemer, dat substantieel boven de salarisschalen van de cao ligt, aldus Forbo. Ten gunste van werknemer is ook op andere punten afgeweken van de cao, hem is bijvoorbeeld een leaseauto ter beschikking gesteld en hij ontvangt zo mogelijk een bonus. Werknemer heeft een en ander niet weersproken zodat van deze omstandigheden dient te worden uitgegaan. Het hof leidt mede daaruit af dat partijen hebben bedoeld overeen te komen dat een vergoeding voor overwerk wordt geacht te zijn inbegrepen in het salaris en de andere beloningen en dat werknemer daarvoor dus niet apart zou worden beloond. De stelling van werknemer dat hij in september 2012 door de vele overuren voor 80 tot 100% is afgekeurd in verband met zware depressies als gevolg van een burn-out, is voorts – wat daarvan verder zij – niet aan te merken als een grond voor vergoeding van de door hem gemaakte overuren.