Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam (Locatie Amsterdam), 2 december 2014
ECLI:NL:GHAMS:2014:5813
Bedrijfstakpensioenfonds voor de Bouwnijverheid/X Grondverzet
Werkgever drijft sinds 1969 een eenmanszaak, later omgezet in een VOF. Werkgever is werkzaam voor opdrachtgevers in de zand- en grindwinning, waarvan de voornaamste Sibelco is. Werkgever verwijdert voor zijn opdrachtgevers de deklaag van enkele meters van daarvoor aangewezen percelen grond en slaat die op in depot. Daarbij moeten humusrijke teelaarde en de afdekgrond gescheiden blijven opdat de grond vruchtbaar blijft. De opdrachtgever kan uit de in depot gelegde deklaag wit zand of kwartzand winnen. Werkgever maakt vervolgens de grond opnieuw geschikt voor de bestemming daarvan, te weten natuurgebied, landbouwgrond of recreatiegebied. Dan kunnen weer bomen of gewassen worden aangeplant in de grond of kan een recreatieplas ontstaan. Werkgever is aangesloten bij het Bedrijfspensioenfonds Landbouw. In september 2010 heeft Cordares Diensten BV (hierna: Cordares), in opdracht van Bpf Bouw een werkingssfeeronderzoek uitgevoerd. De opdracht hield in na te gaan in hoeverre werkgever werkzaamheden uitvoert die genoemd worden in de Verplichtstellingsbeschikking Bpf Bouw, de werkingssfeer van de CAO Bouwnijverheid en de CAO Bedrijfstakeigen regelingen in de Bouwnijverheid. Cordares concludeerde in haar rapport van 29 september 2010 aan de hand van steekproeven tot een verdeling van 37,79% in 2008 tot 65,63% in 2009 (uitgaande van de omzetverdeling op basis van klant en omschrijving) dan wel 40,97% in 2008 tot 56,76% in 2009 (uitgaande van de loonsomverdeling) van de activiteiten van werkgever, die onder de werkingssfeer van Bpf Bouw vallen. Werkgever vordert een verklaring voor recht dat hij niet onder de werkingssfeer van het Bpf Bouw valt. Het standpunt van Bpf Bouw laat zich als volgt samenvatten. De werkzaamheden die werkgever verricht bestaan in het afgraven en weer terugplaatsen van gronden en hebben betrekking op ‘grondwerken’ in de zin van het Verplichtstellingsbesluit Bouwnijverheid. De uitzondering die in het besluit wordt gemaakt voor ‘grondwerken anders dan van agrarische aard’ is niet van toepassing omdat de enige reden waarom werkgever de grond verplaatst is gelegen in het feit dat haar opdrachtgever het daaronder gelegen natte zand kan winnen. Een aannemelijke uitleg is dat de aan nattezandwinning voorafgaande en daarop volgende grondwerken geen agrarische aard hebben.
Het hof oordeelt als volgt. Voor de uitleg van het verplichtstellingsbesluit dient de cao-norm te worden aangelegd (objectieve Haviltex). Het hof volgt Bpf Bouw niet in haar uitleg van het begrip ‘grondwerken’ als bedoeld in het Verplichtstellingsbesluit Bouwnijverheid die met zich zou brengen dat werkgever onder de werkingssfeer daarvan valt. Onbestreden heeft de kantonrechter in het eindvonnis geoordeeld dat werkgever noch haar opdrachtgever Sibelco grond bouwrijp maakt in de letterlijke zin van het woord. Bpf Bouw heeft ook niet betwist dat de door werkgever afgegraven grond na terugplaatsing wordt gebruikt om er bomen of andere gewassen op te plaatsen of om een recreatieplas aan te leggen of dat daarop een plas ontstaat. Anders dan Bpf Bouw aanvoert acht het hof niet van belang of zodanig gebruik het doel van het afgraven was, maar wél dat het afgraven en terugplaatsen van de grond niet in enig verband staat met bouwwerkzaamheden als elders bedoeld in het Verplichtstellingsbesluit Bouwnijverheid. Dit te minder nu Sibelco actief is in de nattezandwinning waarop het verplichtstellingsbesluit uitdrukkelijk geen betrekking heeft. Van mogelijke overlapping met de werkingssfeer van de Bpf Landbouw is aldus bezien geen sprake, zodat in het midden kan blijven of werkgever daaronder valt. Voor zover Bpf Bouw betoogt dat een gespecialiseerd grondbedrijf als werkgever wel onder enig bedrijfspensioenfonds moet vallen en dat dit onder de gegeven omstandigheden tot de conclusie moet leiden dat dit uitsluitend haar fonds is, kan dat betoog niet als juist worden aanvaard. Van een onaannemelijk resultaat kan bij de hiervoor gegeven uitleg evenmin worden gesproken.