Naar boven ↑

Rechtspraak

Cadac Group BSD/werknemer
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (Locatie Arnhem), 9 juni 2015
ECLI:NL:GHARL:2015:4165

Cadac Group BSD/werknemer

Werknemer kan niet gebonden worden aan concurrentiebeding ten behoeve van alle werkgevers binnen het concern. Een dergelijke binding doet afbreuk aan de waarborg van artikel 7:653 lid 1 BW.

Van 18 mei 2001 tot 2 januari 2012 bestond een tot de Cadac groep behorende besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid met de statutaire naam Cadac Group B.V. Tot 18 mei 2001 had deze vennootschap de statutaire naam Cadac CAD Advies Centrum B.V. Werknemer is in 2006 in dienst getreden van Cad Plus ICT Componenten B.V. Het bij indiensttreding in 2006 door werknemer voor akkoord getekende aanvullend reglement had als titel ‘Aanvullend reglement Cadac Group BV en gelieerde ondernemingen’. Werknemer is op 1 januari 2009 in dienst getreden van Cadac Group MSD B.V. De centrale vraag is of het concurrentiebeding van Cad Plus ook geldt tussen werknemer en andere werkgevers binnen de groep.

Het hof oordeelt als volgt. Dat werknemer, toen hij op 1 januari 2006 in dienst trad bij Cad Plus ICT Componenten B.V., een bedrijfsreglement getiteld ‘Aanvullend reglement Cadac Group BV en gelieerde ondernemingen’, met daarin opgenomen een concurrentiebeding, heeft ondertekend, is onvoldoende om hem op 1 januari 2009 gebonden te achten aan dit beding jegens een andere werkgever, te weten Cadac Group BSD. Daarvoor is niet voldoende dat dit aanvullend reglement blijkens de titel betrekking heeft op Cadac Group BV en gelieerde ondernemingen, aangezien in dit reglement een nadere omschrijving van de gelieerde ondernemingen ontbreekt en om die reden voor een werknemer, in dit geval werknemer, niet duidelijk is (bepaald) welke werkgever jegens hem rechten zou kunnen ontlenen aan dit beding. Op deze wijze zou te zeer afbreuk worden gedaan aan de gedachte die ook ten grondslag ligt aan het in artikel 7:653 lid 1 BW vermelde vereiste van geschrift dat de werknemer de gelegenheid heeft de consequenties van het voor hem bezwarende beding steeds goed te (kunnen) overwegen.

Namens Cadac Group BSD is weliswaar verklaard dat Cadac MSD en Cadac Group BSD beide personeelsvennootschappen waren die personeel ter beschikking stelden aan Cadac Group B.V., maar, zoals toen ook namens Cadac Group BSD is verklaard, was thans Cadac MSD, bij welke vennootschap (tot 30 december 2008 met de statutaire naam: Cad Plus ICT Componenten B.V.) werknemer op 1 januari 2006 in dienst is getreden, volgens het uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel geen personeelsvennootschap, terwijl Cadac Group BSD dat op 1 januari 2009, toen werknemer bij die vennootschap in dienst trad, wel was. De stelling van Cadac Group BSD, dat het enige dat is veranderd, is dat werknemer op de payroll is gekomen van een andere personeelsvennootschap, kan dus niet als juist worden aanvaard.