Rechtspraak
Rechtbank Limburg (Locatie Maastricht), 22 juli 2015
ECLI:NL:RBLIM:2015:6223
Xella Cellenbeton Nederland B.V./werknemer
Werknemer is sedert 30 augustus 1971 in dienst van Xella in de functie van kwaliteitscontroleur. De afgelopen jaren heeft Xella diverse reorganisaties doorgevoerd, waarop het met de ondernemingsraad en vakbonden overeengekomen sociaal plan ‘Xella Cellenbeton Nederland B.V. Bouwafdeling 30 april 2013 tot 1 mei 2016’ (hierna: sociaal plan) van toepassing is. In het sociaal plan is een afvloeiingsregeling voor oudere werknemers opgenomen. Xella verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst ex artikel 7:685 BW. Ter staving van haar verzoek voert Xella aan dat als gevolg van een internationaal besparingsprogramma de processen, functies en werkzaamheden binnen haar organisatie zijn beoordeeld en herzien waardoor functies, waaronder de functie van werknemer, zijn komen te vervallen doordat werkzaamheden op een lager niveau ondergebracht zijn. Voorts zijn er geen andere passende functies voor werknemer binnen Xella beschikbaar. Het verweer van werknemer strekt tot afwijzing van het verzoek. Subsidiair verzoekt werknemer om toekenning van een transitievergoeding van € 75.000.
De kantonrechter oordeelt als volgt. Werknemer bestrijdt het vervallen van zijn functie niet. Voorop gesteld wordt dat het ontbindingsverzoek is ingekomen ter griffie op 12 juni 2015 en dus ruimschoots vóór inwerkingtreding van het ‘ontslaggedeelte’ van de WWZ op 1 juli 2015. Van een in die wet geregelde transitievergoeding kan aldus geen sprake zijn. Xella heeft een berekening in het geding gebracht van het aan werknemer op grond van de aanvullingsregeling respectievelijk de kantonrechtersformule toekomende bedrag en de verschillen tussen beide aanspraken toegelicht. De conform het sociaal plan aangeboden aanvullingsregeling is (in ieder geval voor werknemer) niet ongunstiger dan het resultaat van toepassing van de kantonrechtersformule. Ter zitting heeft werknemer deze door Xella gemaakte berekening (uitkomend op € 33.493,82 bruto in totaal) en de daarop gegeven toelichting als juist aangemerkt. Op deze wijze heeft werknemer ingestemd met de aanvullingsregeling, terwijl hij zich – door de ontbindingsreden niet aan te vechten – al eerder neergelegd had bij de ontbinding van de arbeidsovereenkomst. De arbeidsovereenkomst wordt derhalve ontbonden. Het ontbindingsverzoek houdt geen verband met een collectief ontslag als bedoeld in artikel 3 van de Wet melding collectief ontslag (WMCO). Aan de getalsnorm van die wet is immers niet voldaan. De door Xella conform het sociaal plan aangeboden vergoeding wordt als redelijk aangemerkt, zodat overeenkomstig dat aanbod een vergoeding aan werknemer wordt toegekend.