Naar boven ↑

Rechtspraak

Sodexo B.V./werknemer
Rechtbank Limburg (Locatie Maastricht), 4 september 2015
ECLI:NL:RBLIM:2015:7624

Sodexo B.V./werknemer

Ontbinding arbeidsovereenkomst arbeidsongeschikte werknemer na overgang van werknemer onder toekenning van aangeboden vergoeding van ruim € 136.000. Een andere passende functie is niet voorhanden en kan ook niet worden gecreëerd.

Werknemer is op 1 september 1982 in dienst van APG getreden in de functie van kok. In 1996 is werknemer blijvend arbeidsongeschikt geworden voor die functie. Hij is de functie van medewerker bedrijfsadministratie bij de Restauratieve Dienst gaan bekleden. Per 1 juni 2011 heeft APG de cateringwerkzaamheden uitbesteed aan Sodexo. Er is sprake van een overgang van onderneming. APG en Sodexo hebben in goed overleg een overnameprotocol opgesteld waarin afspraken en toezeggingen staan voor de medewerkers van de Restauratieve Dienst APG in Heerlen die in het kader van de uitbesteding van de cateringdiensten overgegaan zijn naar Sodexo. Sodexo verzoekt thans ontbinding wegens verandering in omstandigheden (art. 7:685 BW) onder toekenning van een vergoeding van € 139.460,08 bruto. Ter staving van haar verzoek voert Sodexo aan dat het niet mogelijk is gebleken, ondanks inspanningen daartoe, om werknemer in de door haar gevoerde organisatorische structuur een functie aan te bieden die volledig of deels gelijkwaardig is aan die welke hij bij de vervreemder, APG, vervulde. Een gelijkwaardige functie is niet voorhanden en onmogelijk te creëren.

De kantonrechter oordeelt als volgt. In het onderhavige geval staat vast dat werknemer zijn oorspronkelijke functie als kok niet meer kan uitoefenen, gelet op de bij hem vastgestelde (fysieke) beperkingen. Verder is niet in geschil dat de door werknemer bij APG in de periode van eind 1996/1997 tot juni 2011 verrichte administratieve werkzaamheden aangemerkt kunnen worden als passende werkzaamheden. Partijen zijn het er verder over eens dat een dergelijke functie in de organisatie van Sodexo niet voorkomt. Het verrichten van administratieve werkzaamheden betreft een deeltaak, behorend bij de functie van assistent cateringmanager en cateringmanager. Kern van onderhavig geschil is de vraag of van Sodexo in redelijkheid gevraagd kan worden dat zij haar organisatie dusdanig aanpast dat zulke administratieve/passende werkzaamheden gedurende 37,12 uur per week aan werknemer aangeboden kunnen worden. Bij de beantwoording van deze vraag neemt de kantonrechter het volgende in aanmerking. Gebleken is dat er pogingen ondernomen zijn om intern dan wel extern een passende – gelijkwaardige – functie voor werknemer te vinden. Hierin zijn partijen niet geslaagd en niet aannemelijk is geworden dat dit (grotendeels) aan Sodexo is te wijten. Ook de arbeidsdeskundige en de Begeleidingscommissie oordeelden dat er binnen de organisatie van Sodexo geen passende arbeid beschikbaar is voor werknemer. Aannemelijk is geworden dat ondanks alle inspanningen het redelijkerwijs niet mogelijk geweest is werknemer binnen de organisatie van Sodexo dan wel een straal van 25 kilometer een passende functie aan te bieden en/of te creëren die volledig of deels gelijkwaardig is aan die welke werknemer bij de vervreemder, APG, vervulde. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden. Ten aanzien van de vergoeding wordt meegewogen dat werknemer bij het zoeken naar mogelijkheden om hem in een passende functie te plaatsen, een (veel) te passieve houding aangenomen heeft. De door Sodexo in geval van ontbinding aangeboden vergoeding is gebaseerd op de neutrale kantonrechtersformule. Tevens heeft Sodexo daarin het loon verdisconteerd ter zake de resterende periode van de in artikel 10 van het overnameprotocol opgenomen werkgarantie tot 1 juni 2016. De kantonrechter is van oordeel dat, alle omstandigheden van het geval in aanmerking genomen, de door Sodexo aangeboden vergoeding als redelijk aangemerkt dient te worden, zodat hij overeenkomstig dat aanbod een vergoeding aan werknemer zal toekennen. De vergoeding wordt bepaald op een bedrag van € 136.336,01 bruto.