Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/bestuurders van failliete werkgever
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (Locatie Arnhem), 8 maart 2016
ECLI:NL:GHARL:2016:1811

werknemer/bestuurders van failliete werkgever

Bestuurder persoonlijk aansprakelijk voor schade voortijdig einde arbeidsovereenkomst nu hij wist of behoorde te weten dat de werkgever niet in staat zou zijn het loon te betalen.

Werknemer is op 1 april 2013 in dienst getreden van Curanda B.V. in de functie van opleider/trainer, tegen een netto salaris van € 2.500 per vier weken. Vanaf 22 april 2013 is Curanda gestopt met loonbetaling. Op 5 november 2013 is Curanda failliet verklaard. Werknemer vordert schade van de bestuurders van Curanda, omdat zij namens Curanda een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd met hem zijn aangegaan en bestuurders dit hebben bewerkstelligd dan wel toegelaten, terwijl zij op dat moment wisten of behoorden te weten dat Curanda volstrekt ontoereikende financiële middelen had om die overeenkomst na te komen en geen verhaal zou bieden.

Het hof oordeelt als volgt. Het hof is van oordeel dat werknemer in hoger beroep zijn stellingen zodanig heeft uitgewerkt en geconcretiseerd dat op grond daarvan aangenomen kan worden dat bestuurder 1 op het moment dat hij namens Curanda een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd met werknemer aanging en ondertekende (op 15 februari 2013) wist of behoorde te weten dat A geen financiële middelen had om die overeenkomst na te komen. Dit leidt tot de conclusie dat persoonlijke aansprakelijkheid van bestuurder 1 als bestuurder van Curanda kan worden aangenomen, nu hij bij het namens de vennootschap aangaan van de arbeidsovereenkomst met werknemer wist of redelijkerwijze behoorde te begrijpen dat Curanda (wegens het ontbreken van enige financiering en het ontbreken van enig concreet vooruitzicht op het behalen van resultaat) niet aan haar verplichtingen zou kunnen voldoen en geen verhaal zou bieden.

Dat een bestuurder die niet de gewraakte betalingsverplichting namens de vennootschap is aangegaan er niet op toeziet dat die verplichting wordt nagekomen (zoals werknemer bestuurder 2 verwijt) is op zich beschouwd onvoldoende om zijn aansprakelijkheid aan te nemen (vgl. HR 8 januari 1999, ECLI:NL:HR:1999:ZC2812, NJ 1999/318 inzake Pelco/Sturkenboom); daarvoor dienen meer bijzondere omstandigheden te worden aangevoerd. Nu werknemer niet meer stelt dan dat bestuurder 2 gehouden was om maatregelen te treffen om het onbehoorlijk bestuur van bestuurder 1 te voorkomen en dit niet tijdig heeft gedaan, en daarmee onvoldoende concrete feiten en omstandigheden aanvoert die wijzen op voor bestuurder 2 voorzienbare benadeling van werknemer als gevolg van het hem verweten nalaten, is dat onvoldoende om hem persoonlijk een voldoende ernstig verwijt te kunnen maken.