Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/XSYS Print Solutions Netherlands B.V.
Gerechtshof Den Haag (Locatie 's-Gravenhage), 29 december 2015
ECLI:NL:GHDHA:2015:3920

werknemer/XSYS Print Solutions Netherlands B.V.

Kans dat door blootstelling aan voor de gezondheid gevaarlijke stoffen CTE is ontstaan onvoldoende aannemelijk gemaakt bij blootstelling onder de 8 MAC-jaren.

Na een deskundigenbenoeming bij tussenarrest, staat in dit arrest de vraag centraal of werknemer is blootgesteld aan voor de gezondheid gevaarlijke stoffen. De deskundige concludeert als volgt. De totale blootstelling berekend over zijn arbeidsduur bij BASF, op basis van inhalatie en absorptie via de huid, zal naar alle waarschijnlijkheid niet hoger zijn geweest dan 0,8 tot 2,4 MAC-jaren (uitgaande van een groot dampend oppervlak) en meer waarschijnlijk niet hoger dan 0,5 tot 1,3 MAC-jaren (uitgaande van een middelgroot uitdampend oppervlak). Volgens de criteria van het NCvB (hof: Nederlands Centrum voor Beroepsziekten) wordt er momenteel van uitgegaan dat een blootstelling van minder dan 8 MAC-jaar (dit was eerder 5 MAC-jaar) niet de oorzaak kan zijn van cognitieve functiestoornissen en dus van CTE. De totale berekende blootstelling is beperkt (waarschijnlijk niet hoger dan 0,5 tot 1,3 MAC-jaren) ten opzichte van de grens van 8 MAC-jaren die momenteel door het NCvB wordt gehanteerd. Wel is sprake van een zekere piekblootstelling van 15 minuten. Hoewel er serieuze aanwijzingen zijn dat piekblootstelling meer dan proportioneel bijdraagt aan het ontstaan van CTE, kan dit nog steeds niet worden bewezen noch ontkend. De Gezondheidsraad meent dat piekblootstelling moet worden opgevat als een mogelijk belangrijke additionele vorm van blootstelling en dus dat reductie van die bron kan bijdragen aan vermindering van het risico op CTE.

Het hof oordeelt als volgt. Het hof verenigt zich met de inhoud van het deskundigenbericht en overweegt als volgt. BASF wijst er in haar antwoordmemorie terecht op dat de deskundige piekblootstellingen proportioneel heeft meegenomen in de berekening van de cumulatieve blootstelling van werkneemster. Volgens die berekening is de totale blootstelling naar alle waarschijnlijkheid niet hoger geweest dan 0,8 tot 2,4 MAC-jaren (uitgaande van een groot uitdampend oppervlak) en meer waarschijnlijk niet hoger dan 0,5 tot 1,3 MAC-jaren (uitgaande van een middelgroot uitdampend oppervlak). Voorts wordt er volgens de criteria van het NCvB momenteel van uitgegaan dat een blootstelling van 8 MAC-jaren (dit was eerder 5 MAC-jaren) niet de oorzaak kan zijn van cognitieve functiestoornissen en dus van CTE. De door de deskundige totale berekende blootstelling is beperkt (waarschijnlijk niet hoger dan 0,5 tot 1,3 MAC-jaren) ten opzichte van de hiervoor genoemde grens van 8 MAC-jaren. Hoewel er serieuze aanwijzingen zijn dat piekblootstelling meer dan proportioneel bijdraagt aan het ontstaan van CTE, kan dit nog steeds niet worden bewezen noch ontkend. Dat werknemer last heeft gehad van acute intoxicatieverschijnselen, heeft hij niet gesteld en is ook niet gebleken.