Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Office Depot B.V.
Rechtbank Limburg (Locatie Roermond), 24 juni 2015
ECLI:NL:RBLIM:2015:5436

werknemer/Office Depot B.V.

Werkgever mag niet ten nadele van werknemer afwijken van cao. Afwijkend beding in de arbeidsovereenkomst nietig. Vordering werknemer tot betaling van misgelopen reiskostenvergoeding toegekend.

Werknemer is per 1 juli 2008 bij Office Depot B.V. (hierna: Office Depot) in dienst getreden als warehouse administrator. Op de arbeidsovereenkomst is de CAO voor de Boekhandel en Kantoorvakhandel van toepassing (hierna: de cao). In de arbeidsovereenkomst is onder meer opgenomen dat werknemer recht heeft op een reiskostenvergoeding. De regeling uit het medewerkers-/personeelshandboek maakt deel uit van de arbeidsovereenkomst en deze regeling gaat uit van een staffelmethode en kent een forfaitaire vergoeding van maximaal € 145 per maand. De cao gaat uit van het fiscaal onbelast te vergoeden bedrag per kilometer. Werknemer stelt zich op het standpunt dat Office Depot de krachtens de cao verschuldigde reiskostenvergoeding dient uit te keren en dat hij in dat kader aanspraak heeft op een bedrag van € 3.598,02.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Cruciaal bij de beoordeling van het tussen partijen gerezen geschil is de - taalkundige - uitleg die dient te worden gegeven aan de zinsnede ‘het fiscaal onbelast te vergoeden bedrag per kilometer’, zoals neergelegd in de cao. Naar het oordeel van de kantonrechter kan voormelde zinsnede naar de huidige tijd niet anders worden gelezen dan dat daarmee bedoeld is het maximale vrije fiscale deel van de vergoeding, te weten € 0,19. Voor een andere uitleg is geen ruimte. Daarnaast is in artikel 12 lid 1 van de Wet op de collectieve arbeidsovereenkomst bepaald dat elk beding tussen een werkgever en een werknemer, strijdig met een collectieve arbeidsovereenkomst door welke zij beiden gebonden zijn, nietig is; in plaats van zodanig beding gelden de bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst. Office Depot mag dus niet ten nadele van werknemer afwijken van de cao. Nu Office Depot dit wel doet, ligt de vordering van werknemer in beginsel voor toewijzing gereed. Office Depot heeft voorts nog aangevoerd dat de door werknemer gevolgde berekeningsmethodiek onjuist is. Werknemer heeft bij de berekening van het door hem geleden nadeel aansluiting gezocht bij de berekeningsmethodiek van de Belastingdienst die ervan uitgaat dat een werknemer in een jaar vermoedelijk minstens 36 weken voor zijn werk naar een vaste plek reist en dit 214 werkdagen in een jaar. Vast staat dat er geen registratie heeft plaatsgevonden van de exacte dagen waarop er sprake is geweest van woon-werkverkeer. Office Depot heeft een dergelijke registratie kennelijk niet nodig geacht, nu zij op grond van de bepalingen in haar medewerkers-/personeelshandboek aan haar medewerkers een forfaitaire vergoeding toekent. Zoals hiervoor reeds is overwogen acht de kantonrechter dit onjuist. Het ontbreken van een exacte registratie kan niet aan werknemer worden tegengeworpen. Een en ander dient voor risico van Office Depot als werkgever te blijven. De kantonrechter is van oordeel dat de berekeningsmethodiek zoals die door werknemer is gevolgd zeer wel op werknemer van toepassing zou kunnen zijn. Volgt toewijzing van de vordering van werknemer.