Naar boven ↑

Rechtspraak

werkneemster/Banque Chaabi du Maroc S.A.
Rechtbank Rotterdam (Locatie Rotterdam), 8 juli 2016
ECLI:NL:RBROT:2016:5875

werkneemster/Banque Chaabi du Maroc S.A.

Uitleg begrip bedrijfsvestiging als bedoeld in Ontslagregeling. Bij locatie overstijgend werk, speelt feitelijke werkplek een (grote) rol. Afwijzing verzoek herstel arbeidsovereenkomst.

Werkneemster is op 3 november 2010 bij De Bank in dienst getreden. Zij was tot november 2014 werkzaam op het hoofdkantoor in Amsterdam. In november 2014 is zij overgeplaatst naar de vestiging in Rotterdam. Na verkregen toestemming van het UWV heeft De Bank de arbeidsovereenkomst tussen partijen bij brief van 23 februari 2016 opgezegd per 31 maart 2016. Per 1 januari 2016 is de vestiging te Rotterdam definitief gesloten. Werkneemster verzoekt de arbeidsovereenkomst te herstellen als bedoeld in artikel 7:682 lid 1 BW en subsidiair een billijke vergoeding toe te kennen als bedoeld in artikel 7:682 lid 2 onder b BW. Aan dit verzoek legt zij ten grondslag dat de opzegging van haar arbeidsovereenkomst in strijd is met artikel 7:669 lid 3 onder a BW, omdat de opzegging door het UWV op valse gronden is toegestaan. Daartoe voert zij aan dat de vestiging in Rotterdam niet als zelfstandige bedrijfsvestiging kan worden aangemerkt en dat haar werkzaamheden niet zijn verdwenen.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Een bedrijfsvestiging is een onderdeel van de onderneming van de werkgever dat in de maatschappij als zelfstandige eenheid te herkennen is en een interne zelfstandige bedrijfsvoering heeft (zie artikel 1, onderdeel d en artikel 14 van de Ontslagregeling). Bij de beoordeling van de vraag of de vestiging als zelfstandige eenheid is te herkennen is van belang hoe deze zich naar buiten toe, extern (maatschappelijk) presenteert en daarmee voor derden als zelfstandige eenheid zichtbaar is. Gelet op de door de Bank gestelde feiten en omstandigheden (onder andere eigen bedrijfspand, registratie KvK, doelgroep, vestigingsdirecteur, personeelsbeleid, het uit eigen naam post versturen, het ontvangen van eigen facturen), die door werkneemster onvoldoende zijn weersproken, wordt geoordeeld dat de vestiging te Rotterdam als een zelfstandige bedrijfsvestiging moet worden aangemerkt. Van enige vorm van detachering, zoals werkneemster heeft gesteld, blijkt niets uit de stukken. Ten aanzien van de inhoud van haar functie, in samenhang met de locatie, voert werkneemster aan dat zij (vrijwel alleen) locatieoverstijgende werkzaamheden uitvoert, zonder aanzien van de locatie, dus voor alle vestigingen van De Bank. Kennelijk wil werkneemster hiermee betogen dat zij niet als een werkneemster van de vestiging Rotterdam aangemerkt mag worden, zodat haar arbeidsplaats niet is komen te vervallen. Echter, als zij niet bij Rotterdam zou horen, is het onduidelijk onder welke vestiging zij dan wel zou vallen. Ook indien werkneemster (veel) locatie overstijgend werk zou hebben uitgevoerd in Rotterdam, dan leidt dat niet tot de conclusie dat zij niet als werkneemster van de locatie Rotterdam aangemerkt kan worden. De feitelijke werkplek speelt in dat verband wel degelijk een (grote) rol. De opzegging is niet in strijd is met artikel 7:669 BW. Volgt afwijzing van het verzoek.